Zweetklierontsteking

Behandeling

Hidradenitis

Inleiding

Uw huisarts arts heeft u voor de behandeling van een zweetklierontsteking naar de afdeling heelkunde van het CWZ verwezen. Deze pagina geeft u informatie over wat de chirurg in CWZ met u bespreekt, zodat u zich kunt voorbereiden op het gesprek. Er wordt beschreven hoe uw klachten behandeld kunnen worden. Het is goed u te realiseren dat de situatie voor iedereen anders kan zijn. Deze pagina geeft dan ook niet meer dan een globaal overzicht. Aanvullende informatie over voorbereiding en nazorg kunt u op de pagina ‘poliklinische operatie heelkunde’ lezen.

Wat is een hidradenitis?

Een hidradenitis is een zweetklierontsteking. Over het gehele lichaam bevinden zich zweetklieren, die een rol spelen bij het transpireren of zweten. Dit zijn de eccriene zweetklieren. Daarnaast bestaat nog een tweede soort, de apocriene zweetklieren, die alleen in de oksels en in de liezen worden aangetroffen. Deze zweetklieren geven ook een geur af, de bekende zweetgeur. Bij deze laatste soort kunnen ontstekingen ontstaan. De aandoening komt vaak voor bij rokende vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Het advies is dan ook om te stoppen met roken. Het is een onschuldige maar vervelende afwijking, die soms operatief moet worden behandeld. Er is een sterke relatie tussen roken en het optreden van deze ontsteking.

Wat zijn de klachten bij hidradenitis?

Er ontstaat een zwelling, roodheid en pijn in een oksel of liesstreek. Soms ontwikkeld zich daarna een abces, dat kan doorbreken. Het probleem kan zich uitbreiden over meer zweetklieren, waardoor een groter gebied van zwelling en roodheid ontstaat.

De arts zal dit probleem bij het lichamelijk onderzoek voldoende kunnen beoordelen, aanvullend onderzoek is vaak niet nodig.

Onderscheid kan worden gemaakt in een acute (plotselinge) ontsteking met abcesvorming en een chronische (aanhoudende) vorm met afwisselend meer en minder klachten.

De afwijking kan beperkt blijven tot een klein gebiedje of zich langzaam uitbreiden over een groot gebied in de oksel of lies.

Wat zijn de behandelmogelijkheden?

Stoppen met roken is de eerste maatregel die moet worden genomen.

Afhankelijk van de situatie wordt er wel of niet geopereerd.

Niet operatief

  • Als er sprake is van een lichte vorm van ontsteking, wordt er niet geopereerd. Soms kan er een antibioticakuur worden voorgeschreven. Verderop op deze pagina staat onder het kopje ‘Wat u verder nog moet weten’ enkele leefregels die helpen het gebied rustig te houden.

Operatief

  • Bij een abces moet er worden geopereerd. Daarbij wordt onder plaatselijke / of algehele verdoving een snede gemaakt in het abces zodat de inhoud goed weg kan en de abcesholte goed kan worden schoongespoeld.

  • Bij steeds terugkomende en meer uitgebreide aanhoudende ontstekingsproblemen wordt er geopereerd.

  • Bij een beperkte afwijking wordt in het algemeen een kleine poliklinische operatie onder lokale verdoving gedaan.

  • Hiervoor heeft uw huisarts u aangemeld. Is er sprake van hetzelfde probleem op meer plaatsen, dan kan het wenselijk zijn de operatie via de dagbehandeling of een korte opname, onder algehele anesthesie (narcose), uit te voeren.

Voorbereidingen

Als u hart- of longklachten heeft of geneesmiddelen gebruikt (in het bijzonder bloedverdunners), is het erg belangrijk om dit voor de operatie aan uw behandelend arts te melden. Soms moet gebruik van bloedverdunners tijdelijk gestopt of aangepast worden.

Voor overige voorbereidingen leest u de informatie op de pagina ‘poliklinische operaties heelkunde’.

De operatie

De ingreep wordt meestal uitgevoerd op de poliklinische operatiekamer onder lokale verdoving (zie pagina poliklinische operatie chirurgie-heelkunde).

Bij de chronische ontsteking wordt nadat de verdoving plaatselijk is toegediend het gebied met afwijkende zweetklieren die nog ontstoken zijn of ontstoken geweest zijn uitgesneden. Mede afhankelijk van de mate van ontsteking en uw specifieke situatie zal worden besloten de wond te verkleinen met enige hechtingen of de wond geheel open te laten.

Meestal wordt de wond niet ‘mooi’ dichtgemaakt om te voorkomen dat bacteriën onder de huid worden ingesloten en zo een nieuwe ontsteking kunnen veroorzaken. Het litteken zal uiteindelijk mooi helen.

Mogelijke complicaties

Geen enkele ingreep is vrij van de kans op complicaties. Zo zijn er ook bij deze operatie de normale risico’s op complicaties van een operatie. Het zal duidelijk zijn dat de kans op een infectie bij deze ingreep groter is. Het is mogelijk dat de ontsteking in de zweetklieren zich, ondanks de operatie, gaat uitbreiden naar de zweetklieren in de omgeving. Daardoor kan een volgende operatie al spoedig noodzakelijk worden. Ook kan er een nabloeding optreden.

De nabehandeling

  • Als de hechtingen verwijderd moeten worden, wordt dit met u afgesproken. Dit kan op de polikliniek, maar vaak ook bij de huisarts. Vanaf de dag na de ingreep kunt u met behulp van de douchekop de wond schoonsproeien. Eventueel mag u 2 tot 3 keer per dag douchen of wassen. Het wondgebied daarna zachtjes goed droogdeppen. Als u wil kan de wond met een gaasverband worden bedekt. Zwemmen wordt afgeraden, tot de wond genezen is, aangezien het water doorgaans niet schoon genoeg is.

  • Paracetamol kan als pijnstilling gebruikt worden.

  • De genezing van deze wond kan wat langer duren. In het algemeen is de wond binnen 3 tot 4 weken goed dicht.

  • Meer informatie over de nazorg vindt u op de pagina ‘poliklinische operatie’. De verpleegkundige bespreekt met u wat voor u van toepassing is.

Adviezen

Wij adviseren u de volgende leefregels in acht te nemen:

  • Stop met roken;

  • Dagelijks goed schoonhouden van de oksels en de liesgebieden;

  • Goed droogdeppen van deze gebieden na het wassen;

  • Gebruik geen poeders in de oksels of in de liezen;

  • Draag geen strakke of schurende kleding;

  • Gebruik alleen een deodorant die geen transpiratieremmer (antiperspirant) bevat.

Vragen

Hebt u na het lezen van deze pagina nog vragen, stel ze dan gerust aan de behandelend arts of aan de verpleegkundige. Zij zullen uw vragen graag beantwoorden.

Verhindering

Bent u op de dag van de behandeling onverhoopt verhinderd, laat dit dan zo snel mogelijk weten. U belt dan naar de afdeling opname- en patiëntenplanning, tijdens kantooruren bereikbaar op telefoonnummer 024 365 71 30. Kunt u een afspraak op de polikliniek of voor een onderzoek niet nakomen, bel dan zo spoedig mogelijk de betreffende afdeling.

G480-FLaatst bijgewerkt op 11 januari 2026

Inhoudsopgave