Inleiding
Avasculaire necrose van het lunatum wordt ook wel de ziekte van Kienböck genoemd. Dit is een aandoening van een polsbotje. Dit bot krijgt problemen met de bloedtoevoer waardoor het afsterft en inzakt met als gevolg dat het polsgewricht slijt. De klachten verergeren bij inspanning en handwerk.
Diagnose van de ziekte van Kienböck
Om te bepalen in welk stadium de ziekte zich bevindt wordt er een röntgenfoto gemaakt. Hierbij onderscheiden we vier stadia:
graad1: Geen zichtbare afwijkingen op de röntgenfoto.
graad2: Verhoogde dichtheid van het bot (lunatum)
graad3a: Inzakking van het bot (lunatum), geen afwijkingen in het scaphoid botje
graad3b: Inzakking van het bot (lunatum) met een gedraaid (rotatie) scaphoid botje
graad4: Slijtage rond het bot (lunatum) (haakvorming, gewrichtsspleet vernauwing)
Een MRI geeft de meeste informatie wat betreft de bloedvoorziening in het lunatum bot, het hoogteverlies en de eventuele slijtage. Een CT-scan en/of botscan kan aanvullende informatie geven.
De behandelingsmogelijkheden van Kienböck
In een vroeg stadium: Revascularisatie. Een methode om de bloedtoevoer naar het bot (lunatum) te herstellen, door middel van bottransplantaat.
In een later stadium: Als het bot (lunatum) gebarsten is en een fors hoogteverlies te zien is of als er sprake is van artrose, dan zijn de behandelingsmogelijkheden het volgende:
Weghalen van de eerste rij handwortelbeentjes.
De pols vaszetten met behulp van een metalen plaat.
Het vervangen van het polsgewricht.
Nazorg/herstel
Na de operatie wordt de pols gedurende enkele weken gemobiliseerd, daarna wordt gestart met handtherapie. Begeleiding van het handenteam is noodzakelijk.
Contact
- Plastische chirurgie
i009Laatst bijgewerkt op 10 februari 2026

