Voetoperatie

Behandeling

Hallux valgus

Inleiding

Uw behandelend arts heeft u geadviseerd om een voetoperatie te ondergaan om zo de klachten te laten verminderen of verdwijnen. Deze pagina geeft u informatie over hetgeen de orthopeed in CWZ met u heeft besproken, zodat u na het gesprek alles nog eens rustig kunt lezen en zich kunt voorbereiden op de opname.

Wat is de oorzaak van uw klachten?

Het voetgewricht
De voet bestaat uit de voetwortel, de middenvoet en de tenen. De voetwortel bestaat uit zeven beenderen; de middenvoet bestaat uit vijf middenvoetsbeenderen en de tenen bestaan uit drie kootjes, behalve de grote teen die er twee heeft.
Om in staat te zijn het hele lichaam te dragen, moeten de voeten een stevige structuur hebben. De vereiste stevigheid en kracht worden verzorgd door bindweefselbanden en de spieren. De middenvoet en de tenen hebben voornamelijk een steunende functie.

G324-J normale anatomie voetNormale anatomie voet

Oorzaak van de klachten

Als er sprake is van een hallux valgus wil dat zeggen dat er een scheefstand ontstaat van de grote teen. De grote teen wijst naar binnen waardoor er aan de buitenkant een zwelling (soort knobbel) ontstaat. Soms ontstaat er een overbelasting van de tweede teen. Het gebruik van verkeerde schoenen (hoge hakken en smalle ruimte voor de voorvoet) speelt een rol bij het ontstaan van een hallux valgus. Daarnaast kan het in de familie veel voorkomen en dus erfelijk zijn. Tot slot kan een hallux valgus eerder ontstaan bij andere afwijkingen in de voet.

G324-J hallux valgus voetHallux valgus-voet

Klachten

De voornaamste klacht is pijn ter hoogte van de grote teen. De grote teen wijst naar binnen waardoor er aan de buitenkant een zwelling ontstaat. Deze zwelling ontstaat als gevolg van de toegenomen druk en wrijving in de schoen en kan gepaard gaan met roodheid. Dikwijls ontstaat moeheid en/of pijn onder de voorvoet. Soms kan er overbelasting van de tweede teen optreden waardoor deze ook pijnlijk wordt en er eeltvorming onder de voet optreedt. Voor de meeste mensen wordt het steeds moeilijker om schoenen te vinden die comfortabel zitten en geen extra pijn veroorzaken.

Verminderen van de klachten

Er zijn verschillende mogelijkheden om de klachten te verminderen

  • Het opvolgen van een goed schoenadvies. Dat wil zeggen schoenen met een smalle voorvoet en hoge hak vermijden, schoenen dragen van zacht leder zonder naden aan de kant van de zwelling;

  • Het dragen van steunzolen en/of orthopedische schoenen

  • Door middel van een operatie. Als voorgaande maatregelen onvoldoende helpen, is een operatie vaak de enige oplossing

Diagnose en onderzoek

De arts stelt de diagnose aan de hand van de aard van de klachten, het lichamelijk onderzoek en een röntgenfoto.

Wat is een hallux valgus operatie?

Er zijn verschillende methoden voor de correctie van de hallux valgus. Afhankelijk van de ernst van de afwijking zal een operatiemethode gekozen worden.
In CWZ gebruiken we de volgende operatietechnieken:

Chevron-operatie
De chevron-operatie kan een milde tot matige hallux valgus corrigeren. Ter hoogte van de hals van het kopje van het eerste middenvoetsbeentje wordt het bot in een V-vorm doorgezaagd. Vervolgens wordt het kopje richting de tweede teen opgeschoven en meestal met een schroefje vastgezet. Hierdoor wordt de voorvoet smaller. Het schroefje hoeft niet te worden verwijderd. Het grote voordeel van de chevron-operatie is dat patiënten snel, vaak binnen een week, hun voet weer kunnen belasten.

Chevron-operatie
G324-J chevron-operatie

Basis-osteotomie
Osteotomie betekent doorzagen van bot van het eerste middenvoetsbeentje met correctie van de zwelling (knobbel) aan de buitenkant van de voet.

Bij deze operatie wordt een deel van de zwelling verwijderd. Tegelijkertijd wordt ook het weefsel, dat te strak zit rondom het basisgewricht van de grote teen, gecorrigeerd. De grootste correctie wordt echter verkregen door de basis van het eerste middenvoetsbeentje door te zagen en de stand zo te corrigeren. Het middenvoetsbeentje wordt weer gecorrigeerd doormiddel van krammetjes (soort nietjes). Deze ingreep kan meer correctie geven dan een chevron-operatie.

Osteotomie-operatie
G324-J osteonomie operatie

Arthrodese
Arthrodese betekent het vastzetten van het basisgewricht van de hallux.

Een arthrodese wordt uitgevoerd bij ernstige vormen van hallux valgus. Meestal is er forse slijtage van het gewricht en is het gewricht pijnlijk. Door het gewricht met een plaatje en/of schroeven vast te zetten, kan behalve de pijn ook de stand goed behandeld worden. Patiënten hebben relatief weinig last van het vastgezette gewricht en kunnen hun voet weer krachtiger afzetten als vóór de operatie.

Akin-techniek
In combinatie met de chevron-operatie of de basis-osteotomie wordt soms de akin-techniek gebruikt. Hierbij wordt er een wigje gemaakt (en dus een deel verwijderd) in het basisgewricht van de grote teen om zo de stand van de teen te corrigeren. Dit wordt weer vastgezet met een krammetje (soort nietje). De chevron-operatie of basis-osteotomie operatie wel of niet combineren met deze akin-techniek heeft verder geen invloed op het verloop van de revalidatie.

Afhankelijk van de gekozen methode kan het zijn dat u de voet direct na de operatie niet volledig mag belasten. De operaties duren ongeveer een half uur.

Akin-techniek
G324-J Akin-techniek

Voordelen van een operatie

De operatie zal een snelle vermindering van de pijn met zich meebrengen dankzij de gecorrigeerde stand van de grote teen en de daardoor ontstane ruimte voor de voet. Na de revalidatieperiode zullen de normale bewegingen van de voet weer mogelijk zijn.

Mogelijke complicaties

Gelukkig treden na een voetoperatie niet vaak complicaties op. Toch zijn er een aantal complicaties. Er zijn algemene complicaties en complicaties die specifiek bij deze operatie horen.

Algemene complicaties

  • Omdat er sneden in de huid worden gemaakt, kan een huidzenuw beschadigd raken. Dit geeft een doof gevoel in een gedeelte van de huid. Meestal verdwijnen deze klachten in de loop van de tijd vanzelf. Soms zijn ze echter blijvend.

  • Er kan een nabloeding optreden.

  • Een wondinfectie is een vervelende complicatie.

Specifieke complicaties

  • Een stijver gewricht.

  • Een pijnlijker gewricht.

  • Onvoldoende of overmatige correctie van het gewricht.

  • Gevoelsvermindering in de voet.

  • Op lange termijn kan de hallux valgus weer opnieuw ontstaan.

Voorbereiding operatie

De arbodienst
De bedrijfsarts begeleidt de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van de operatie en nabehandeling. Afspraken over uw werk zullen vaak soepeler verlopen als u de bedrijfsarts al vóór de operatie informeert

Anesthesie (verdoving)
Meer informatie hierover kunt u lezen op de pagina van anesthesie.

Verpleegkundig spreekuur
Voorafgaande aan de operatie heeft u een intake gesprek met de orthopedisch verpleegkundige van de polikliniek orthopedie. Tijdens dit gesprek worden er gegevens over u genoteerd die belangrijk zijn voor de opname op de verpleegafdeling, wordt u geïnformeerd over hoe u zich zo goed mogelijk kan voorbereiden en wordt de nazorg besproken.

App
Download de ‘Patient Journey’ app met belangrijke informatie over u orthopedische behandeling!

  • Zoek in de App Store of Google Play Store naar ‘Patient Journey’ en download de gratis app.

  • Vervolgens kiest u in de app voor ‘CWZ Zorgapp’.

  • Selecteer orthopedie en kies uw behandeling.

Via deze app krijgt u de komende tijd informatie op maat.
Iedereen kan deze app downloaden.

Wat moet u meenemen?
Tijdens uw opname heeft u nodig:

  • gemakkelijk zittende kleding

  • geldig legitimatiebewijs (paspoort, ID-kaart of rijbewijs)

Waardevolle bezittingen
Het is raadzaam om, sieraden en andere kostbaarheden thuis te laten. Het ziekenhuis kan niet aansprakelijk worden gesteld voor diefstal of zoekraken van uw spullen

Medicijnen
De medicijnen die u tijdens uw verblijf nodig heeft, ontvangt u van de ziekenhuisapotheek.
Echter verzoeken wij u om uw eigen medicijnen, in de originele verpakking, bij opname mee te nemen. Neem geen eigen medicijnen in zonder te overleggen met de verpleegkundige. Een combinatie van geneesmiddelen kan namelijk gevaarlijk zijn.

Dieet
Als u een bepaald dieet volgt, vragen wij u dit aan de verpleegkundige mede te delen. Dan kan daar rekening mee worden gehouden tijdens de opname

Allergie
Bent u allergisch (overgevoelig) voor bepaalde stoffen, zeg dit dan tegen uw behandelaar. Hiermee wordt dan rekening gehouden bij uw behandeling en verpleging.

Bloedverdunners
Bij het gebruik van bloedverdunnende geneesmiddelen is het soms nodig deze voor de operatie te stoppen. Uw arts geeft aan of dit voor u van toepassing is. Stop nooit op eigen initiatief met het gebruik van bloedverdunners. Bent u onder controle bij de trombosedienst, neem dan bij opname de doseringskaart mee.

Nuchter
Meer informatie hierover kunt u vinden op de pagina van anesthesie.

De operatiedag

Operatie opname afdeling
U meldt zich op het afgesproken tijdstip bij de afdeling die u doorgekregen heeft van de operatieplanning, u kunt dit ook terug vinden in Mijn CWZ. Op deze afdeling vindt de voorbereiding plaats voor uw operatie.

Voorbereiding operatie

  • Voordat u naar de operatiekamer gaat, krijgt u eerst op de afdeling de voorbereidende medicatie voor de anesthesie (premedicatie). Het is belangrijk dat u deze medicatie voor de ingreep inneemt. Dit heeft als doel een spiegel in uw bloed op te bouwen zodat na de operatie de pijnmedicatie meer effect heeft.

  • Het is belangrijk dat u voor de ingreep nog even plast, zodat de blaas leeg is.

  • Wanneer u een gebitsprothese heeft, moet u deze uit doen.

  • U mag geen sieraden/piercings dragen

  • U mag geen make-up of bodylotion gebruiken.

  • Nagellak, gellak, acryllak of nepnagels mogen blijven zitten.

  • Tot 3 dagen voor de operatie mag u nog scheren of ontharingscrème gebruiken, dit om wondjes te voorkomen

  • Tijdens de operatie draagt u een operatiejasje dat u op de afdeling krijgt. Bovengenoemde maatregelen zijn bedoeld om de hygiëne op de operatiekamer te waarborgen en de kans op een infectie te verminderen.

  • De verpleegkundige zal, samen met u, een pijl op de te opereren voet zetten, dit is ter controle.

  • Een kwartier voor de ingreep wordt u naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling gebracht. Hier wordt u verder voorbereid op de operatie.

  • U gaat in uw bed naar de operatiekamer en schuift op een smalle operatietafel. De anesthesioloog geeft u de verdoving die met u besproken is. Als de operatie begint zal de bewakingsapparatuur aangesloten worden, om lichaamsfuncties zoals bloeddruk, hartslag en ademhaling tijdens de operatie goed te kunnen observeren.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer (verkoeverkamer). Hier worden regelmatig uw bloeddruk, hartslag, temperatuur en ademhaling gecontroleerd. Er wordt ook regelmatig naar de pijn gevraagd en naar de wond gekeken.
Als u weer goed wakker bent, en de pijn onder controle is, gaat u naar de verpleegafdeling.

Infuus
Na de operatie heeft u een infuus in uw arm. Het infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht krijgt. Enige tijd na de operatie zal het infuus verwijderd worden door de verpleegkundige.

De wond
Na de operatie kan de voet nog gevoelloos zijn door de verdoving. Om uw voet is een drukverband aangebracht. Dit drukverband moet 24 uur blijven zitten. De voet en tenen kunnen in het begin nog gezwollen en pijnlijk zijn. De wond is onderhuids gehecht met oplosbare hechtingen. Deze hoeven dus niet verwijderd te worden en lossen na zes tot acht weken vanzelf op.

Eten en drinken
Bij terugkomst van de operatiekamer mag u vrij snel beginnen met het drinken van water. Uitbreiding daarvan is afhankelijk van uw misselijkheidsklachten.

Na de operatie

De verpleegkundig specialist komt langs. Als alle controles goed zijn en het eerste herstel goed verlopen is, mag u na enkele uren naar huis.

Als er een arthrodese-operatie of een basisosteotomie-operatie heeft plaatsgevonden, gaat u nog naar de gipskamer waar u een (loop)gipsschoen krijgt. Het is de bedoeling dat dit gips één tot zes weken blijft zitten. U hoeft niet met krukken te lopen (maar dat is vaak de eerste paar dagen wel prettig ter ontlasting van de wond) en mag volledig op de voet gaan staan. Mocht uw voet nog te dik zijn dan zal er eerst voor een week een gipsspalk worden aangelegd. Hier mag u nog niet op staan en dus leert u hoe met krukken te lopen zonder te belasten.
Als er een chevron-operatie heeft plaatsgevonden, krijgt u van de verpleegkundige een klittenbandschoen. Ook hierbij is het de bedoeling dat u deze schoen zes weken blijft gebruiken op de momenten dat u loopt. De eerste 2 weken gebruikt u de krukken tijdens het lopen om de wond te ontlasten.
Als u denkt dat het lopen met krukken voor u te belastend of niet veilig is, dan kunt u na de operatie op de verpleegafdeling gebruik maken van een looprekje. In dat geval moet u voor thuis zelf voor een looprekje zorgen (lenen of huren bij een instantie die loophulpmiddelen verstrekt). Zorg dat u deze dan vóór uw ziekenhuisopname in huis heeft.

Revalideren
Er wordt een begin gemaakt met lopen en als het nodig is wordt het traplopen geoefend. Ook leert u enkele oefeningen die u thuis regelmatig dient te herhalen.

Omdat de voet met name de eerste twee weken nog erg gevoelig is en zwelling zal vertonen, is het verstandig om de voet de eerste 2 weken veel hoog te leggen.
Probeer wel regelmatig de tenen te bewegen en de voet wat te oefenen. Dit om trombose te voorkomen. Een trombosebeen herkent u aan een dikke, rode, pijnlijke kuit.
Bij een chevron-operatie kunt u daarna het lopen en belasten rustig uit gaan breiden. Als u een verbandschoen heeft gekregen is het een advies om aan de andere voet een schoen te hebben van ongeveer gelijke hoogte. Dit kan eventuele (rug)klachten voorkomen die anders kunnen ontstaan. U mag na 6 weken ook weer uw eigen schoenen gaan dragen. Het zal in het begin vaak nog niet lukken om gewone schoenen te dragen. Sandalen of ruime sportschoenen kunnen dan een oplossing zijn. Naarmate de voet weer meer beweegt, neemt de zwelling ook af en is het weer mogelijk om normaal schoeisel te dragen.

Na een basisosteotomie of arthrodese-operatie is het verstandig om de voet, afhankelijk van de zwelling, gedurende de gipsperiode regelmatig hoog te blijven leggen.
Na de controle in het ziekenhuis, als blijkt dat de röntgenfoto goed is, mag de belasting weer snel uitgebreid worden.

Naar huis

Voorbereiding
De verpleegkundige heeft met u een zorg-/ontslaggesprek. Besproken wordt of alles volgens verwachting is verlopen en of alles voor thuis is geregeld.

Ontslag
Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u van de verpleegkundige toelichting over de controleafspraak, die ongeveer zes weken na de operatie plaatsvindt. De brief voor de huisarts wordt digitaal verstuurd. Een verwijzing en overdracht voor de fysiotherapie krijgt u mee. De verpleegkundige neemt nog enkele praktische zaken met u door en u krijgt pijnmedicatie mee naar huis. (Zie pagina ‘Instructie bij ontslag uit het ziekenhuis’ voor verdere informatie over pijnstilling).
U kunt niet zelf met de auto of fiets naar huis rijden. Het is verstandig om af te spreken dat iemand u komt halen.

Weer thuis

Resultaat van de operatie
De eerste tijd na de operatie zal uw voet en het gebied rondom de wond dik en warm aanvoelen. Dit wordt geleidelijk (binnen 4-6 weken) minder. Ook heeft u mogelijk enkele bloeduitstortingen (blauwe plekken) bij de wond maar deze verdwijnen vanzelf.

Wanneer een arts waarschuwen?
Het is belangrijk dat u in de volgende gevallen contact opneemt met het verpleegkundig spreekuur orthopedie of uw huisarts:

  • Als de operatiewond meer gaat lekken.

  • Als de wond steeds meer pijn gaat doen ook al bent u minder gaan bewegen.

  • Als u koorts gaat ontwikkelen hoger dan 38,5 graden Celsius.

Adviezen voor thuis

Afhankelijk van de operatie en individuele factoren, ondervindt u na de operatie nog enige tijd hinder van het operatiegebied.
Er volgen nog enkele adviezen:

  • Na het douchen de wond droogdeppen. U mag de eerste week niet baden en zwemmen. Indien de wond droog is hoeft u geen pleister meer te plakken

  • Voor de pijn gebruikt u de voorgeschreven medicatie, in combinatie met paracetamol. Wanneer de pijn minder wordt kunt u deze medicatie langzaam afbouwen.

  • Slaap eventueel met uw voet op een kussen. De voet ligt dan wat hoger waardoor het vocht eerder af zal nemen. Bij rusten overdag is het ook goed om de voet hoog te leggen op een kussen.

  • Beweeg regelmatig met de voet: duw de voet van u af en hem naar u toe, draait u de voet rond. Dit stimuleert de doorbloeding van de voet.

Nabehandeling

Hervatten van het dagelijks leven en werkzaamheden
U gaat steeds beter bewegen. Ook de kracht en coördinatie van de spieren nemen toe. Wanneer u de verbandschoen niet meer nodig hebt en de eigen schoenen weer kunt dragen en u voldoende controle over u voet heeft kunt u weer gaan autorijden en fietsen. Voor de basisosteotomie en arthrodese-operatie kan dit als het gips is verwijderd en er weer voldoende controle is. Uw voet kan nog enige tijd gevoelig en dik blijven. Het is bij iedereen verschillend wanneer eventueel werk weer herstart kan worden. Dit is afhankelijk van de inhoud van het werk en het verloop van het herstel.

De terugkeer naar zwaardere belasting en sport
De meeste sporten kunnen gedoseerd vaak na twaalf weken weer uitgeoefend worden.
Bovengenoemde termijnen verschillen per patiënt.

Vragen en/of problemen

Ontstaan er ondanks de goede voorbereidingen of zijn er en na het lezen van de pagina nog vragen, neem dan contact op met het telefonische spreekuur orthopedie. Telefoonnummers vindt u onder aan deze pagina.

U kunt ook contact opnemen door een e-mail te sturen naar polikliniek.orthopedie@cwz.nl

Bij problemen - als u na de behandeling/operatie weer thuis bent - kunt u buiten kantooruren en in het weekend contact opnemen met de huisartsenpost.

Kunt u niet komen?

Mocht de geplande operatiedatum niet door kunnen gaan, bijvoorbeeld doordat:

  • er meer voorbereiding nodig blijkt te zijn door longarts of cardioloog

  • u ziek bent met koorts (griep)

  • u verhinderd bent door onverwachte privéomstandigheden

Laat dit dan zo snel mogelijk weten. U belt naar de afdeling operatieplanning orthopedie, bereikbaar op werkdagen tussen 8.30 en 16.30 uur, telefoonnummer (024) 365 88 36.
Als u tijdig belt, kan er nog een andere patiënt gepland worden en maken wij met u een nieuwe afspraak.

G324-JLaatst bijgewerkt op 3 februari 2026

Inhoudsopgave