Staaroperatie met algehele verdoving (narcose)

Behandeling

Inleiding

Uw behandelend arts heeft voorgesteld om een staaroperatie te laten uitvoeren. Deze pagina geeft u nog eens de informatie die de oogarts en de assistente in CWZ met u hebben besproken. Er staat informatie in waar u op de dag van de operatie wat aan heeft. Ook krijgt u adviezen over de operatie en over de tijd daarna. Ook leest u op deze pagina wat staar is.

Voorbereidingen

Voor de operatie zijn meestal wat voorbereidingen noodzakelijk. Dit wordt ook wel preoperatief onderzoek of preoperatieve voorbereiding genoemd. De afspraken hiervoor worden achter elkaar op dezelfde dag gepland.

Lensmeting
Bij iedere patiënt wordt tijdens de operatie een kunstlens in het oog gebracht. De sterkte van deze kunstlens is voor iedereen verschillend. Daarom worden vóór de operatie beide ogen opgemeten (biometrie). Dit kan meestal direct tijdens het polibezoek bij een van onze optometristen of technisch oogheelkundig assistenten (TOA’s). Dit onderzoek is weinig belastend en duurt niet langer dan 10 minuten.

Contactlenzen
Heeft u kort voor de afspraak bij de oogarts contactlenzen gedragen? Dan kan de lensmeting niet op dezelfde dag gedaan worden. De lensmeting wordt namelijk beïnvloed door het dragen van contactlenzen. U krijgt dus een nieuwe afspraak voor de lensmeting.

Hartfilmpje
Bij patiënten vanaf 60 jaar wordt ter controle een hartfilmpje (ECG) gemaakt op de hartfunctieafdeling (B26). U krijgt hiervoor een ‘loopbriefje’ mee en kunt zich zonder afspraak melden aan de balie van de hartfunctieafdeling (B26). Dit kunt u doen vóór u naar het spreekuur van de anesthesioloog gaat.

Spreekuur anesthesioloog
De anesthesioloog schat in welke risico’s in uw geval aan de operatie en de anesthesie verbonden zijn en hoe deze kunnen worden beperkt. Bent u bekend bij de cardioloog, internist en/of longarts? Dan maakt de assistente een afspraak voor u op het spreekuur van de anesthesioloog. Als u niet bij één van bovengenoemde specialisten bekend bent, krijgt u een code en kunt u op de computer in de Binnenhof een vragenlijst voor de anesthesie invullen. Daarna kunt u door naar de poli anesthesiologie voor de preoperatieve screening.

Afdeling opname en patiënten planning
Van de afdeling opnameplanning krijgt u de datum of datums van de operatie(s). Dit kan persoonlijk of met een brief die wordt thuis gestuurd.

Voorbereidingen thuis

  • Twee dagen vóór de operatie begint u thuis te druppelen volgens het schema dat u heeft meegekregen. U krijgt verschillende oogdruppels (of het recept) mee van de assistente. U mag het te opereren oog zelf druppelen, het iemand anders laten doen of hiervoor de thuiszorg inschakelen.

  • Een dag voor de operatie tussen 10.00 en 14.00 uur wordt telefonisch gemeld wat de precieze tijd is waarop u verwacht wordt voor de operatie.

  • Gebruik geen make-up, aftershave of gezichtscrème en uw nagels mogen niet gelakt zijn. Sieraden kunt u het beste thuis laten.

  • Trek een gemakkelijk zittende blouse of trui en broek of rok aan.

  • Gebruik wegwerpzakdoekjes als u het oog wilt deppen.

  • U mag niet eten en drinken voor de operatie (nuchter). Informatie over nuchter blijven en algehele anesthesie vindt u op de pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen’.

De opname

  • Op de dag dat u geopereerd wordt, moet u op het afgesproken tijdstip aanwezig zijn op de afgesproken afdeling. U wordt daar met uw begeleider ontvangen.

  • U krijgt een operatiejasje aan.

  • Op de afdeling wordt uw oog gedruppeld als voorbereiding op de operatie. Door deze oogdruppels wordt het oog minder gevoelig en de pupil wijder.

  • Als u een hoorapparaat draagt, moet u die aan de zijde van het te opereren oog verwijderen voor de operatie. Direct na de operatie mag deze weer ingezet worden.

  • In de voorbereidingsruimte van de operatiekamer krijgt u een infuusnaaldje in uw arm aangebracht.

  • Na enige tijd wordt u naar de operatiekamer gereden en komt u geheel plat te liggen.

  • Hierna wordt u aangesloten op bewakingsapparatuur. Dit is nodig voor uw veiligheid. De anesthesist zal tijdens de operatie belangrijke zaken zoals hartslag en bloeddruk bewaken.

  • Uw oog wordt verder worden ontsmet en er komt een operatiedoek over uw hoofd te liggen.

De operatie

Ouderdomsstaar is goed te behandelen. Een staaroperatie kan, bij de afwezigheid van andere oogziekten/aandoeningen, het gezichtsvermogen vrijwel volledig herstellen. De operatie gebeurt bijna altijd in dagbehandeling. De meeste staaroperaties vinden plaats onder druppelverdoving. Er zijn uitzonderingen waarbij gekozen wordt voor een staaroperatie onder algehele verdoving (narcose), namelijk:

  • grote angst;

  • niet mee kunnen werken of stil kunnen liggen.

U heeft met uw oogarts afgesproken dat de operatie onder algehele verdoving zal plaatsvinden.

Bij de operatie haalt de oogarts de troebele lens uit het oog en vervangt deze door een kunstlensje. De oogarts heeft met u de keuze van de kunstlens besproken. De meeste mensen kiezen voor de monofocale lens waarbij na de operatie een leesbril nodig is. Sommige mensen kiezen voor kunstlenzen waarbij de cilinder wordt gecorrigeerd (torisch) of waarbij er een leesgedeelte in de kunstlens komt (multifocaal). Bij deze torische en multifocale lens moet u de lens zelf betalen. Meer informatie hierover kunt u vinden op de pagina ‘Implantatielenzen bij staar operaties’.

De afdeling oogheelkunde in het CWZ vindt het belangrijk dat er ook in de toekomst goede oog zorg verleend kan worden. Daarom wordt er veel aan opleiding gedaan op onze afdeling. Vanaf 2019 werkt er bij ons een oogarts in opleiding vanuit het Radboudumc. Deze oogarts in opleiding wordt opgeleid in alle facetten van de oogheelkunde en dus ook op het gebied van staaroperaties. De oogarts in opleiding staat onder supervisie van onze ervaren oogartsen.

Direct na de operatie

  • Na de operatie gaat u terug naar de voorbereidingsruimte van de operatiekamer. Bij sommige mensen wordt ervoor gekozen om een oogkapje over het oog te plaatsen, maar vaak is dit niet nodig.

  • Als u goed wakker bent gaat u terug naar de afdeling. Daar blijft u nog ongeveer 1,5 uur.

  • U heeft al een controle afspraak ontvangen is dit niet zo vraag hier dan naar op de afdeling.

Verlopen staaroperaties altijd goed?
Het overgrote deel van de staaroperaties verloopt goed. Zoals bij iedere operatie is er bij een staaroperatie een kleine kans op complicaties. Uiteraard bent u bij ons in veilige handen. Wij werken volgens strenge protocollen en hygiëne maatregelen en doen er alles aan om complicaties te voorkomen.

  • Tijdens de operatie kan het voorkomen dat er door een scheur in het lenszakje een andere techniek moet worden toegepast.

  • Na de operatie kunt u last hebben van ‘dubbelzien’. Dit is meestal na 24 uur over.

  • U kunt het gevoel hebben dat er een zandkorrel in het oog zit. Dit is normaal.

  • Bijna nooit treedt na de operatie een infectie op. Dit kan ernstig verlopen.
    Neem direct contact op bij onderstaande symptomen:

    • hevige pijn;

    • vermindering van het zien ( nadat het eerst beter was);

    • toename van roodheid van het oog.

Het verdere verloop

Als uw ogen op verschillende momenten geopereerd worden krijgt u tussen de eerste en tweede operatie een telefonische afspraak. Als u aan één oog wordt geopereerd of beide ogen op 1 dag, komt u na ongeveer 6 weken bij ons voor een controle en zal de optometrist uw ogen opmeten. In het algemeen zal er dan een briladvies worden voorgeschreven. Tijdens deze controle kunt u ook nog eventuele vragen stellen.

Richtlijnen voor na de operatie.

  • Als u een oogkapje heeft gekregen kan u dit de dag na de operatie van het oog verwijderen.

  • Maak het gebied rond het oog schoon met een schoon washandje of schoon doekje dat u natmaakt met vers, lauw kraanwater.

  • U moet het druppelschema verderop op deze pagina volgen.

  • Het zijn dat u de dag na de operatie op controle moet komen. Verderop op de pagina staat bij welke klachten u moet te bellen en welk nummer u dan kunt bellen.

  • U kunt niet altijd meteen na de operatie beter zien dan ervoor. Soms is voor het herstel wat meer tijd nodig.

Wat mag u wél doen?

  • Licht huishoudelijk en administratief werk.

  • Wandelen, tv kijken, lezen en fietsen.

  • Douchen, baden en uw haar wassen vanaf 24 uur na de operatie. Zorg er voor dat er gedurende 3 dagen geen water of shampoo in het oog komt.

Wat mag u niet doen?

  • Wrijf niet in uw (geopereerde) oog.

  • Til geen zware voorwerpen de eerste week na de operatie.

  • Buk niet langdurig voorover de eerste week na de operatie.

  • Niet zwemmen en geen intensieve sporten beoefenen gedurende de eerste 4 weken na de operatie.

  • Autorijden na een staaroperatie:

    • Veel patiënten willen weten wanneer ze weer mogen autorijden na een staaroperatie. Ons advies is, om op het moment dat u zelf vindt dat u met twee ogen goed ziet na de operatie, een afspraak te maken bij een opticien. Deze kan voor u bepalen of u meer dan 50 % scherp ziet met 2 ogen. De opticien kan eventueel uw bril (tijdelijk) aanpassen. Als u (met een eventuele tijdelijke correctie) comfortabel kijkt met twee ogen en meer dan 50 % scherp ziet, mag u in principe weer autorijden.

    • U bent altijd zelf verantwoordelijk voor het besluit om weer te gaan autorijden. Voor verdere informatie verwijzen wij u naar de site van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR). Op de pagina ‘Hoe kan ik rijden met …’ kunt u informatie vinden over het autorijden met gezondheidsproblemen of een beperking.

Waar moet u rekening mee houden?

  • Na de operatie kan het oog als gevolg van het wondje wat irriteren. Dit kan aanvoelen als een zandkorrelgevoel. Dit kan geen kwaad.

  • Uw pupil kan nog groot zijn ten opzichte van het niet geopereerde oog. Dit trekt in de loop van de dag of enkele dagen weer weg.

  • Houdt u er rekening mee, dat uw bril niet meer optimaal corrigeert voor het geopereerde oog. U kunt het brillenglas eventueel tijdelijk laten vervangen door de opticien. Bij leesklachten kan een (goedkope) leesbril u tijdelijk helpen bij het lezen.

Belangrijk

Neemt u in de volgende gevallen direct contact op:

  • Het oog doet heftig pijn.

  • Uw zicht gaat achteruit, terwijl het na de operatie in eerste instantie verbeterde.

  • Bij een sterke zwelling van de oogleden.

  • Bij het zien van lichtflitsen of plotselinge veranderingen in het zien.

  • Bij misselijkheid en braken.

  • Bij toenemende roodheid van het oogwit in combinatie met pijn.

  • Bij afwijkingen van de huid rond uw geopereerde oog.

Natuurlijk kunt u bij vragen en of twijfel altijd contact opnemen. Tijdens kantooruren (8.00 tot 17.00 uur) belt u met de polikliniek oogheelkunde, telefoonnummer (024) 365 88 49. Buiten kantooruren of in het weekend belt u met de spoedeisende hulp, telefoonnummer (024) 365 83 22

2 dagen voor de operatie bent u begonnen met druppelen volgens een apart druppelschema, zie druppellijst voor staaroperatie.

Druppelschema na de operatie

1e week

4 keer per dag 1 druppel Dexamethason
(bij ontbijt, lunch, avondeten en voor het slapen gaan)
2 keer per dag 1 druppel Yellox (ontbijt en avondeten)

2e week

3 keer per dag 1 druppel Dexamethason (bij ontbijt, lunch en avondeten)
2 keer per dag 1 druppel Yellox (ontbijt en avondeten)

3e week

2 keer per dag 1 druppel Dexamethason (bij ontbijt en avondeten)

4e week

1 keer per dag 1 druppel Dexamethason (bij ontbijt)

Indien er allergieën zijn kan het zijn dat u een ander druppelschema krijgt.
U moet tussen de verschillende druppels 2 minuten te wachten.

Controle afspraak
Er vindt nog een controle afspraak plaats. Deze afspraak heeft u meegekregen op de dag van de operatie of is u toegestuurd.

Wat is staar (cataract)?

Vlak achter de pupil in het oog zit de ooglens. Bij mensen met staar wordt deze lens minder helder. Dat komt door eiwitten die in de loop der jaren samenklonteren. Dit vertroebelen van de ooglens heet staar. Een andere naam voor staar is ‘cataract’.

Ouderdomsstaar komt het meest voor. Iedereen die ouder wordt, krijgt hiermee te maken. Niet iedereen heeft er last van. Bij de meeste mensen gaat de vertroebeling van de lens heel langzaam. Het duurt dan jaren voordat u er iets van merkt. Andere mensen zien binnen enkele maanden al veel slechter. Staar ontstaat ook wel eens op jonge leeftijd. Soms is het vanaf de geboorte al aanwezig.

Wat zijn mogelijke oorzaken van staar?

  • ouderdom

  • bepaalde stofwisselingsziekten (bijvoorbeeld suikerziekte)

  • bepaalde medicijnen (bijvoorbeeld prednison)

  • fel zonlicht

  • roken

  • wond of ontsteking in het oog

  • ongeluk

Klachten / symptomen van staar

  • in de loop der tijd waziger gaan zien

  • kleuren moeilijk of niet waarnemen

  • dubbel zien

  • gevoeligheid voor licht

  • slechter zien in het donker

Ouderdomsstaar
Ouderdomsstaar is een ‘normaal’ verouderingsproces, net als het krijgen van rimpels. Sommige mensen merken al rond hun veertigste dat hun ooglens troebel wordt. Meestal doen de eerste verschijnselen van ouderdomsstaar zich pas later voor. Of u het merkt, hangt af van de mate van troebeling.

Als u binnen korte tijd opeens veel sterkere brillenglazen nodig heeft, kan dat ook wijzen op ouderdomsstaar. Sterkere brillenglazen kunnen het zicht op den duur niet meer verbeteren. Meestal neemt de staar in de loop van de tijd toe. Het gezichtsvermogen wordt daarmee steeds slechter.

Onderzoek
Om erachter te komen of er inderdaad sprake is van ouderdomsstaar, bekijkt de oogarts uw ogen met de spleetlamp. Deze lamp geeft een smalle bundel licht waarmee de oogarts het voorste deel van het oog kan bekijken. Daar bevindt zich de ooglens. De oogarts kan met het licht zien of er troebelingen zijn in de ooglens. En als er troebelingen zijn, hoe ver de staar zich al heeft ontwikkeld. Daarnaast onderzoekt de oogarts hoeveel u nog kunt zien en of uw ogen verder gezond zijn.

Wanneer behandelen?
Wie nog goed genoeg ziet om zonder problemen het dagelijkse werk en hobby’s te kunnen doen, hoeft zich (nog) niet te laten behandelen. Een operatie is niet noodzakelijk. Houdt u er wel rekening mee dat een staaroperatie in de toekomst waarschijnlijk is. Staar wordt nooit minder. Het gezichtsvermogen gaat langzaam maar zeker achteruit.

Zodra de staar te vervelend wordt, kunt u kiezen voor een staar operatie om het gezichtsvermogen te verbeteren. Wanneer dit moet gebeuren, kunt u in principe zelf bepalen, maar wel in overleg met uw oogarts en rekening houdend met de wachtlijst voor operaties.

Vragen

Op deze pagina kunt u alles lezen over voorbereidingen, de operatie, de anesthesie, de opname en de nazorg. Als u na het lezen van de informatie nog vragen heeft, schrijf deze dan op.

De anesthesioloog beantwoordt graag de vragen over de verdoving. Voor vragen over de operatie en de nazorg kunt u bellen met de oogkliniek. Voor informatie over de operatiedatum kunt u bellen met de afdeling opname en patiënten planning.

Als u na het lezen van deze pagina nog uitgebreidere informatie wilt lezen, kunt u dat vinden op www.oogartsen.nl onder het kopje ooglens/staar. Er is ook een patiëntenvereniging voor staarpatiënten: www.staarpatiënten.nl

Bericht van verhindering

Bent u voor een afspraak op de polikliniek verhinderd? Bel dan zo snel mogelijk de oogkliniek B01, telefoonnummer (024) 365 82 15.

Bent u op de afgesproken operatiedatum verhinderd? Bel dan zo snel mogelijk de afdeling opname en patiënten planning, telefoonnummer (024) 365 71 34. Bij geen gehoor belt u de oogkliniek B01, telefoonnummer (024) 365 82 15.

G450-DLaatst bijgewerkt op 1 februari 2026

Inhoudsopgave