Röntgenonderzoek van de blaas (MCG) bij kinderen

Onderzoek

Informatie voor ouders en kinderen

Inleiding

In overleg met de behandelend arts heeft u besloten tot een onderzoek van de blaas bij uw kind op de afdeling radiologie van het CWZ. Bij dit onderzoek worden de blaas en het plas- kanaal met behulp van röntgenstraling en een contrastmiddel onderzocht. Dit onderzoek heet in medische termen mictie- cystogram (afgekort MCG).

Toestemming

Als uw kind jonger dan 12 jaar is, heeft de arts uw toestemming nodig voor het uitvoeren van dit onderzoek. Is uw kind 12 jaar of ouder, dan is behalve uw toestemming ook de toestemming van uw kind zelf nodig. Vanaf 16 jaar mag uw kind zelfstandig over een medische behandeling beslissen.

Toestemming kunt u alleen geven nadat de arts u geïnformeerd heeft over onder andere de aandoening, mogelijke onderzoeken en behandeling(en), de gevolgen, de mogelijke risico’s en vooruit- zichten en eventuele alternatieven. Ook uw kind zelf heeft recht op informatie van de arts, passend bij zijn bevattingsvermogen. De arts heeft ook informatie van u nodig en rekent hierbij op uw volledige medewerking. Met behulp van de informatie die de arts u heeft gegeven, beslist u of u wel of niet toestemt in het onderzoek of de behandeling.

Over de rechten van uw kind kunt u meer lezen op de pagina ‘Patiëntenrechten en kinderen’.

Contrastmiddel

De contrastvloeistof wordt tijdens het onderzoek via een katheter in de blaas gebracht en later weer uitgeplast.

Zwangerschap

Eén van de ouders of verzorgers kan mee in de onderzoeksruimte. In verband met de röntgenstraling is het belangrijk om te weten of de moeder of verzorgster in verwachting is. Als dat zo is, kan er wellicht iemand anders het kind begeleiden.

Opname

Dit onderzoek vindt plaats in ‘dagbehandeling’. Dat wil zeggen dat uw kind voor enkele uren in het ziekenhuis wordt opgenomen. Via de polikliniek kindergeneeskunde krijgt u bericht wanneer uw kind verwacht wordt op de kinderafdeling A24. U krijgt dan ook meteen een ‘bel-afspraak’ of een ‘poli-afspraak’ voor de uitslag van het onderzoek.

Uw kind hoeft niet nuchter te zijn. Wilt u uw kind een half uur voor de opnametijd niet meer laten plassen, zodat er urine in de blaas aanwezig is. Bij kinderen die nog niet zindelijk zijn, is dat uiteraard niet mogelijk. Geeft u uw kind kleding aan die gemakkelijk aan en uit te trekken is. Ook adviseren wij u een knuffel, speeltje en een eventueel een flesje drinken mee te nemen.

Voorbereiding

De verpleegkundige ontvangt u en uw kind en bereidt uw kind voor op het onderzoek.

U mag uw kind uitkleden. Een T-shirt of hemd mag uw kind aanhouden. Voor het inbrengen van het contrastmiddel moet er bij uw kind via het plaskanaal een katheter (dun slangetje) in de blaas gebracht worden. Dit gebeurt terwijl uw kind in bed of op een aankleed- kussen ligt. Het gebied rondom het plasgaatje wordt met koud water schoongemaakt. Hierna brengt de kinderarts een katheter via het plasgaatje in de blaas.

Onderzoek

De verpleegkundige brengt u en uw kind naar de afdeling radiologie. Hier wordt de contrastvloeistof via de katheter in de blaas gebracht. Als de blaas goed gevuld is, wordt er een aantal foto’s gemaakt. Hiervoor schuift het röntgenapparaat boven uw kind. Het apparaat maakt een zoemend geluid als de foto wordt gemaakt. De gespecialiseerd laborant vertelt u tijdens het onderzoek steeds wat er gaat gebeuren. U kunt ook vragen stellen.

Vervolgens wordt de katheter verwijderd en worden er foto’s gemaakt terwijl uw kind plast. Hiervoor wordt uw kind in een soort (zwem)band gezet en wordt de plas opgevangen in een plastic bakje. Afhankelijk van de leeftijd van uw kind kan dit enige tijd in beslag nemen.

U kunt uw kind wat afleiden met een flesje drinken of een knuffeltje of speeltje.

Tenslotte wordt er nog een foto van de lege blaas gemaakt.

Het onderzoek duurt ongeveer 30 minuten. Meteen na het onderzoek krijgt u een washandje en een handdoek waarmee u uw kind kunt opfrissen. Daarna kunt u met uw kind naar huis.

Heel af en toe komt het voor dat uw kind thuis nog klachten aangeeft van pijn bij het plassen of moeilijk plast. Dat is normaal. Als de klachten langer dan een dag blijven bestaan, uw kind niet meer plast of rode urine produceert, dient u contact op te nemen met het ziekenhuis.

Complicaties of bijwerkingen

De hoeveelheid röntgenstraling die wordt gebruikt bij het maken van deze foto’s is zo gering, dat de kans op schadelijke effecten zeer klein is.

Door het inbrengen van de katheter is er een iets grotere kans op blaasontsteking. Om het risico te verkleinen, krijgt u een recept mee voor antibiotica. Gebruikt uw kind ook andere antibiotica, overleg dat dan met de behandelend arts. Het advies is om uw kind de eerste 24 uur na het onderzoek extra te laten drinken.

Uitslag

De radioloog beoordeelt het onderzoek en geeft het resultaat door aan de behandelend arts. De kinderarts brengt u via de bel- of poliafspraak op de hoogte van de uitslag.

Vragen

Heeft u na het lezen nog vragen, neem dan contact op met de afdeling radiologie 024-3657431 of met de polikliniek kindergeneeskunde. 024-3658220

Bericht van verhindering

Bent u op het afgesproken tijdstip verhinderd, belt u dan zo snel mogelijk de polikliniek kindergeneeskunde. Er kan dan nog een andere patiënt worden ingepland en met u maken wij een nieuwe afspraak.

G500Laatst bijgewerkt op 28 februari 2025

Inhoudsopgave