Inleiding
De pols wordt gevormd door acht botjes die met elkaar zijn verbonden door middel van stevige bandjes (ligamenten). Samen vormen ze een vernuftige constructie die het mogelijk maakt de pols in verschillende richtingen te bewegen.
Klachten
Wanneer u uw pols niet meer onbelemmerd kunt gebruiken, bijvoorbeeld door pijn of tintelingen, beperkt u dat bij uw dagelijkse werkzaamheden. De meeste polsproblemen ontstaan als gevolg van een trauma, bijvoorbeeld na een val, waarbij het lichaamsgewicht wordt opgevangen door de polsen.
Behandelingen
Elk pols- of handprobleem vereist een individuele behandeling. Een operatie is hierbij niet altijd noodzakelijk. Het aanmeten van een polsspalk door een handtherapeut behoord ook tot de opties. Om een goede diagnose te kunnen stellen wordt er ook gebruik gemaakt van een röntgen foto, kijkoperatie (pols arthroscopie) of een mri.
Kijkoperatie van de pols (pols arthroscopie)
Dit houdt in dat er met een kleine medische camera in het pols gewricht wordt gekeken. Het is soms beter om direct in het gewricht te kijken om precies te kunnen zien wat er aan de hand is. In veel gevallen levert arthroscopie meer informatie op en is een goede hulp bij verdere behandelingen. Na de ingreep krijgt u een drukverband voor 2 dagen of een gipsspalk, dit is afhankelijk van de ingreep die u gehad heeft.
De meest voorkomende aandoeningen aan de pols zijn:
SL laesie (Scapho-lunaire ligament letsel)
TFCC laesie (Triangular fibro-cartilage complex laesie)
SLAC/SNAC (Scapho-lunatum advanced collapse/Scaphoid non-union advanced collapse)
Midcarpale instabiliteit
Scaphoidfractuur en pseudartrose
Ziekte van Kienböck
Carpal Boss
Voorbereiding
Beslissing tot operatie
Als u samen met de arts besloten heeft tot een operatie over te gaan. Dan worden er door de doktersassistente een aantal zaken met u afgesproken. Voor een operatie onder plaatselijke verdoving hoort u van de doktersassistente de operatiedatum en de opnametijd.
Verdoving (algehele anesthesie)
Voor een operatie onder algehele verdoving (anesthesie) of een armverdoving (plexus) krijgt u van de afdeling opname een operatiedatum. Een goede verdoving bij een operatie is belangrijk. Vaak wordt bij operaties aan de hand/pols gebruik gemaakt van regionale verdoving door de anesthesist. Dit gebeurt met een injectie in de oksel (plexus), waardoor uw arm en hand worden verdoofd. Voor de operatie en de anesthesie zijn meestal enige voorbereidingen noodzakelijk, dit wordt ook wel preoperatief onderzoek of preoperatieve voorbereiding genoemd. Hierover kunt u meer lezen op de CWZ-pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen.
De arbodienst
Vraagt u zich af of uw aandoening of behandeling consequenties heeft voor het uitoefenen van uw werk? Overleg dan met uw specialist. Zo wordt duidelijk of u (tijdelijk) beperkingen heeft en zo ja, welke. De bedrijfsarts begeleidt de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van uw aandoening of behandeling. Afspraken over uw werk zullen vaak soepeler verlopen als u de bedrijfsarts al vóór de ingreep informeert.
Voorbereidingen voor de operatie
Als u bloedverdunnende- of antistollings middelen gebruikt, overlegt u met uw huisarts, plastisch chirurg of uw behandelend arts over het gebruik van deze middelen voor de ingreep. Soms moet gebruik van bloedverdunners tijdelijk gestopt of aangepast worden zoals Acetylsalicylzuur, Ascal, Sintrom (acenocoumarol) of Marcoumar (fencoproumon). Overige medicijnen mag u gewoon innemen.
Infectie voorkomen
Om infecties te voorkomen moet uw huid goed schoon zijn. Daarom kunt u het beste op de dag van operatie douchen. Verwijder nagellak en gebruik geen make-up. De kleur van de huid geeft de arts tijdens de ingreep belangrijke informatie over uw lichamelijke toestand. Het is raadzaam sieraden van tevoren af te doen en thuis te laten.
Kleding
Draag kleding die u gemakkelijk aan en uit kunt trekken. Bij een behandeling aan de hand/pols of arm een wijde blouse of trui. U krijgt na de behandeling misschien een dik verband of gips.
Na de operatie
Uw hand/pols en of arm wordt verbonden met een stevig verband of gips en u krijgt een mitella om. Bij een algehele verdoving (anesthesie) gaat u naar de operatie terug naar de afdeling. Bij een ingreep onder plaatselijke verdoving mag u na de ingreep direct naar huis.
Pijnbestrijding
Als de verdoving uitgewerkt is, kunt u wat pijnklachten hebben, waarvoor u pijnstillers als paracetamol kunt gebruiken. Bij pijnklachten is het raadzaam om de eerste twee dagen de pijn met pijnstillers te onderdrukken en dit daarna langzaam weer afbouwt.
Gebruik pijnstillers
Dit doet u als volgt:
de eerste 2 dagen gebruikt u 4 keer per dag - om de 6 uur - 2 tabletten paracetamol van 500 mg.
Dan 2 dagen 4 keer per dag - om de 6 uur - 1 tablet paracetamol van 500 mg.
Daarna stopt u en gebruikt alleen zo nodig bij pijn 2 tabletten paracetamol van 500 mg. (maximaal 4 keer per dag).
Nazorg
Zie betreffende inlegvel, het kan zijn dat u begeleiding krijgt van het handenteam. Het handenteam reikt u dan ook een folder uit.
Mogelijke complicatie en risico’s
Bij elke handoperatie kunnen complicaties voorkomen zoals bloeduitstortingen, vertraagde wondgenezing, infectie, het afsterven van weefsel, hierdoor kan weer een breed litteken ontstaan. Ook kan trombose of een longontsteking voorkomen. De gevoelszenuwen van de vingers kunnen bij operatieve behandeling beschadigd worden en een gedeeltelijke gevoelsstoornis geven. Een andere complicatie in de handchirurgie is een CRPS (Chronic Regional Pain Syndrome). De symptomen bestaan uit een combinatie van pijn, zwelling, verkleuring en stijfheid van de vingers die optreedt na de operatieve behandeling. De afwijking dient vroegtijdig behandeld te worden om functiestoornissen te voorkomen. Er bestaat ook een groep patiënten die ondanks een technisch geslaagde operatie toch nog klachten houdt.
Wanneer contact opnemen met het ziekenhuis
Bij een nabloeding, wanneer de wond langer dan een half uur ondanks dichtdrukken blijft bloeden. Bij een infectie, als de wond rood en pijnlijk wordt en gaat zwellen en u daarbij eventueel ook koorts krijgt, temperatuur hoger dan 38˚C.
Kunt u niet komen?
Als u ziek bent, koorts heeft temperatuur van meer dan 38˚C of om een andere reden verhinderd bent, neem dan zo spoedig mogelijk contact op met de polikliniek plastische chirurgie. In uw plaats kan dan iemand anders geholpen worden. Met u maken we dan een nieuwe afspraak.
Vragen?
U wordt naar beste kunnen behandeld, maar er kan geen garantie gegeven worden op een goed resultaat of een ongestoord verloop. Mocht u na het lezen toch nog vragen hebben, dan verzoeken wij u contact met ons op te nemen. Wij zijn u graag van dienst!
Contact
- Plastische chirurgie
G406Laatst bijgewerkt op 10 februari 2026

