Ouderen in 'Veilige Handen'

Algemeen

Inleiding

Ouderenmishandeling in Nederland: ongeveer 1 op de 20 thuiswonende ouderen krijgt ooit te maken met ouderenmishandeling. Er is dan sprake van een onveilige situatie voor de oudere. Het kan gaan om verschillende vormen van huiselijk geweld, waaronder verwaarlozing, financieel misbruik, lichamelijke en psychische mishandeling.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft een meldcode ontwikkeld, die professionals helpt goed/adequaat te reageren bij signalen van huiselijk geweld. Artsen en verpleegkundigen in CWZ zijn opgeleid om te handelen conform deze meldcode. Hier leest u meer over hoe we dit doen.

Ouderenmishandeling en CWZ

Het is belangrijk om vroegtijdig mishandeling bij ouderen te signaleren en huiselijk geweld aan te pakken. Het herkennen van ouderenmishandeling en onveilige situaties is belangrijk omdat ouderen zelf niet vaak naar buiten treden wanneer er sprake is van mishandeling. Dit kan veroorzaakt worden door schaamte, angst, geheel of gedeeltelijk afhankelijk zijn van hun omgeving of omdat ze niet weten waar ze voor hulp terecht kunnen. Door patiënten te screenen wordt overbelasting en mishandeling eerder (h)erkend en kan er iets aan gedaan worden.

Hierdoor is het mogelijk om de patiënt en in sommige situaties ook de mantelzorger te helpen, want niet alle ouderenmishandeling gebeurt met kwade opzet. De zorg voor een oudere patiënt kan soms ook te zwaar worden voor mantelzorgers, omdat zij niet weten hoe ze moeten handelen door een te kort aan kennis en/of vaardigheden waardoor er bij de patiënt (ongewild) verwaarlozing kan optreden. Dit wordt ook wel ontspoorde mantelzorg genoemd.

Werkwijze

Alle patiënten van 70 jaar en ouder die de spoedeisende hulp en/of de (poli-) kliniek bezoeken worden gescreend op ouderenmishandeling.

  • De zorgverlener (arts/verpleegkundige) vult een signaleringsformulier in op basis van wat ze bij de patiënt en de betrokken begeleider(s) zien en horen.

  • Het signaleringsformulier is speciaal ontwikkeld om signalen van mishandeling makkelijker in kaart te brengen.

  • De zorgverlener noteert of er vermoedens bestaan dat er problemen zijn.

  • Alle signaleringsformulieren worden bekeken en beoordeeld door speciaal daarvoor getrainde medewerkers van het ziekenhuis.

  • Alle informatie die voortkomt uit het signaleringsformulier en uit de eventuele bespreking in de commissie ouderenmishandeling wordt vertrouwelijk behandeld.

Er is een vermoeden van onveiligheid, wat nu?

Als de zorgverlener een onveilige situatie vermoedt voor de patiënt, wordt dit (als dat mogelijk is) direct met de patiënt, diens partner, familie, verzorger of netwerk besproken. Samen met u en uw naasten wordt gezocht naar een oplossing voor de problemen. Soms is het nodig om te overleggen met betrokken hulpverleners, zoals de huisarts. Als er bezwaren zijn tegen het uitwisselen van gegevens met derden, dan is dit te bespreken dit met de behandelend arts.

Veilig Thuis

In bepaalde situaties (bijvoorbeeld bij vermoedens van acute of structurele onveiligheid) kan de zorgverlener contact opnemen met Veilig Thuis voor het vragen van anoniem advies of het maken van een (zorg-) melding. Veilig Thuis geeft advies of doet (als het nodig is) verder onderzoek met als doel de veiligheid van de patiënt te waarborgen. Veilig Thuis kijkt samen met de patiënt en diens mantelzorger hoe zij het beste geholpen kunnen worden. Op de website van Veilig Thuis Gelderland-Zuid staat meer informatie over wie zij zijn en wat zij doen.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder vragen, dan kunt u terecht bij de verpleegkundige en/of behandelend arts.

Bron: Meldcode https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/huiselijk-geweld/meldcode

G955Laatst bijgewerkt op 2 februari 2026

Inhoudsopgave