Onderzoek naar de werking, de vorm en de grootte van de schildklier
Onderzoek
Schildklierscintigrafie
Inleiding
U krijgt een schildklierscintigrafie, dat is een onderzoek naar de werking, de vorm en de grootte van de schildklier. Hier leest u hoe dit onderzoek verloopt.
Waar moet u zijn?
U meldt zich 10 minuten voor de afgesproken tijd bij Meldpunt 3B. Daarna gaat u naar wachtruimte 21 van de afdeling nucleaire geneeskunde. Als u aan de beurt bent, wordt u opgehaald.
Moet u iets doen vóór het onderzoek?
Sommige medicijnen en röntgencontrastmiddelen hebben invloed op het onderzoek.
Bel de afdeling nucleaire geneeskunde zo snel mogelijk in de volgende gevallen:
U gebruikt medicijnen voor de schildklier. Soms moet u hiermee tijdelijk stoppen.
U heeft in de laatste 2 maanden een röntgenonderzoek gehad met contrastmiddel. Het onderzoek wordt dan later afgesproken.
Het telefoonnummer staat bij de adresgegevens op de laatste pagina.
Als u andere medicijnen gebruikt mag u deze gewoon innemen en u mag normaal eten en drinken.
Waarom krijgt u dit onderzoek?
Uw klachten hebben misschien iets te maken met uw schildklier. Met dit onderzoek wordt gekeken naar de werking, de vorm en de grootte van de schildklier. Daarom laat uw dokter dit onderzoek bij u doen.
Hoe gaat het onderzoek?
U krijgt een infuusnaaldje in de arm. Dit naaldje zit in een bloedvat. Via dit naaldje spuit een laborant een vloeistof in de arm. Deze vloeistof is radioactief. De vloeistof gaat naar de schildklier. U voelt hier niets van.
Na 15 minuten is de vloeistof goed opgenomen door de schildklier en worden de foto’s gemaakt.
Een laborant roept u voor het onderzoek. U mag geen halssieraden dragen.
Tijdens het maken van de foto’s ligt u op uw rug. Uw hoofd ligt iets achterover. Vlak boven uw hals en hoofd hangt een camera.
Er worden 2 foto’s gemaakt; dat duurt 5 minuten per foto.
Afbeelding: scan-apparaat
Hoelang duurt het onderzoek?
Het hele onderzoek duurt ongeveer 30 minuten. Hierin zit een wachttijd van 15 minuten. Het maken van de foto’s duurt 10 minuten.
Wat doet u na het onderzoek?
Na het onderzoek kunt u weer naar huis. U mag meteen weer autorijden.
U kunt gewoon eten en drinken. Het is goed om wat meer te drinken na het onderzoek.
De radioactieve stof gaat uit het lichaam via de urine. Na het plassen moet u goed de handen wassen.
Is het onderzoek gevaarlijk?
Het onderzoek is niet gevaarlijk. De hoeveelheid straling die u krijgt, is evenveel als bij een röntgenfoto. Na enkele dagen is alle radioactieve vloeistof uit het lichaam verdwenen.
U kunt een blauwe plek krijgen van de prik. Deze verdwijnt na een paar dagen vanzelf. Van de radioactieve vloeistof merkt u niets.
Wanneer krijgt u de uitslag?
De arts van de afdeling nucleaire geneeskunde (nucleair geneeskundige) kijkt eerst naar de foto’s. De uitslag is na ongeveer 5 werkdagen bij uw behandelend arts bekend. Deze spreekt met u af, wanneer u de uitslag van het onderzoek krijgt.
Bent u zwanger?
Bent u zwanger of denkt u dat u zwanger bent? Bel dan met uw behandelend arts in het ziekenhuis. Deze bekijkt dan of u een ander onderzoek krijgt.
Geeft u borstvoeding?
Geeft u borstvoeding? Dan mag u dit korte tijd niet geven. Hoelang u geen borstvoeding mag geven, hangt af van het onderzoek. Dit overlegt de nucleair geneeskundige met u.
Heeft u vragen?
Als u nog vragen heeft, kunt u bellen met de afdeling nucleaire geneeskunde. Tijdens het onderzoek vertelt de laborant steeds wat er gaat gebeuren. U kunt uw vragen ook stellen vlak vóór, tijdens en na het onderzoek.
G080

