Inleiding
U heeft in CWZ een operatie aan uw buik gehad. Op deze pagina staan enkele richtlijnen om het herstel zo voorspoedig mogelijk te laten verlopen.
Er zijn 2 soorten operatietechnieken:
Kijkoperatie (laparoscopie) waarbij u meerdere kleine wondjes zult hebben.
Klassieke operatie (laparotomie) waarbij u één grotere buikwond zult hebben.
Het herstel van een kijkoperatie verloopt over het algemeen sneller dan het herstel bij een klassieke operatie. In beide gevallen geldt dat u uw buikspieren de eerste paar weken moet ontzien. In het geval van een kijkoperatie is dit 2 weken en bij een klassieke operatie 6 weken (tenzij anders aangegeven door uw arts).
Beweging
U mag 2 tot 6 weken na de operatie niet tillen. De tijdsduur is afhankelijk van de operatietechniek, zoals hierboven besproken. Denk hierbij aan het dragen van volle boodschappentassen en kinderen, maar ook aan een zware pan.
Maak geen grote rek- en/of strekbewegingen. Denk hierbij aan ramen zemen, de was ophangen, het bed opmaken en stofzuigen.
Als u moet bukken, buk dan door uw knieën.
U mag de eerste 2 tot 6 weken geen buikspieroefeningen doen (afhankelijk van de operatietechniek). Vermijd sporten die veel lichamelijke inspanning vragen.
Begin zo snel mogelijk na de operatie met ontspannen bewegen en bouw dit langzaam op tot het niveau van vóór de operatie.
Fietsen/autorijden
Autorijden kunt u weer doen, zodra de pijn onder controle is en u geen medicijnen meer gebruikt die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden. Dit geldt ook voor fietsen. Pas bij fietsen wel op voor onverwachte bewegingen.
Als u een autogordel oncomfortabel vindt op de buik kunt u een handdoek tussen uw buik en de autogordel leggen. Overleg met uw verzekering over het deelnemen aan het verkeer. De verzekering na een operatie kan bij iedere verzekeraar anders zijn.
Werkhervatting
Naast uw algemene conditie voor de operatie bepaalt ook de grootte en het verloop van de operatie en de duur van uw herstel. Vraagt u zich af in hoeverre uw aandoening of behandeling consequenties heeft voor het uitoefenen van uw werk? Overleg dit dan met uw bedrijfsarts.
Uw specialist zal alleen medische adviezen geven, maar bepaalt niet wanneer u weer kunt beginnen met werken (iemand die bijvoorbeeld normaal zware arbeid verricht bij zijn werkgever kan bijvoorbeeld andere/lichtere werkzaamheden verrichten).
De bedrijfsarts regelt de terugkeer naar uw werk. Afspraken over uw werk verlopen vaak soepeler als u de bedrijfsarts zo spoedig mogelijk na de operatie op de hoogte brengt. U kunt een gesprek voeren met uw bedrijfsarts op het arbeidsomstandighedenspreekuur van de arbodienst of de organisatie waar u werkt.
Voeding
Om goed te herstellen na de operatie is het belangrijk dat u een goede conditie (voedingstoestand) heeft. Een goede conditie krijgt u door goed te eten en voldoende te bewegen. Of u voldoende voeding binnenkrijgt kunt u zien aan uw gewicht.
De eerste weken kunt u een verminderde eetlust hebben. U kunt dan beter minimaal 6 keer per dag kleine beetjes eten in plaats van 3 grote porties op een dag. Mocht het eten lastig gaan, probeer dan energie- en eiwit verrijkte voeding te eten.
Als een voedingsmiddel last geeft, stop dit dan een tijdje en probeer het later nog eens. Meestal kunt u na verloop van tijd weer alles eten zoals u gewend was. Veel drinken is belangrijk om verstopping te voorkomen. Drink ongeveer 2 liter vocht per dag.
Roken
We adviseren om te stoppen met roken. Dit heeft invloed op het genezingsproces van uw wond(en) en de rest van uw lichaam.
Wondverzorging
Een kleine operatiewond sluit in principe binnen 24 uur. Eventuele pleisters mogen na 24 uur verwijderd worden. Als de wond droog is, kunt u beter geen nieuwe pleister plakken. Dit bevordert de wondgenezing.
Mocht de kleding irritatie aan de wond geven, dan kunt u uiteraard wel een pleister op de wond plakken. De wond is goed genezen als de wond helemaal dicht is. Het duurt ongeveer twee weken totdat er een stevig litteken gevormd is in de buik. Wanneer u littekencrème wil toepassen, mag dit pas toegepast worden als alle korstjes van de wond verdwenen zijn.
De hechtingen die u heeft zijn oplosbaar, tenzij u anders gehoord heeft van uw arts of verpleegkundige.
Baden en douchen
Douchen is toegestaan, tenzij de arts of verpleegkundige hierover met u andere afspraken heeft gemaakt. Na het douchen moet u de wond droogdeppen. Zorg dat er geen zeepresten bij de wond achterblijven.
Baden en zwemmen mag weer na 2 weken, wanneer de wond goed dicht is. De wond kan anders verweken en dan lossen de hechtingen te vroeg op.
Pijnstilling
Een goede pijnbestrijding is belangrijk voor de genezing. Gebruik bij pijn de voorgeschreven medicijn(en) die u op recept mee naar huis heeft gekregen. Zodra u minder pijn heeft, kunt u medicijnen tegen de pijn afbouwen. Dit is tenzij uw arts iets anders met u heeft besproken.
Antistolling
Tijdens uw ziekenhuisopname heeft u mogelijk iedere dag van ons een spuitje met een antistollingsmiddel gehad. Dit is gegeven om trombose te voorkomen.
Bent u geopereerd in verband met (een vermoeden op) een tumor? Dan moet u tot 4 weken na de operatie hier thuis nog mee doorgaan. De verpleegkundige die voor u zorgt zal dit tijdens de opname met u oefenen zodat u dit thuis zelf kunt doen. Het is uiteraard ook geen probleem als u iemand uit uw nabije omgeving vraagt om u dagelijks dit spuitje te geven.
Herstel en verwerking
Veel patiënten voelen zich aan het eind van de opname al een stuk beter. Eenmaal thuis valt dit soms tegen, omdat hier meer van u wordt verwacht. Meestal komen thuis ook de emoties los. Dit is niet vreemd. U hebt ook een zware operatie ondergaan. Het herstel kan enkele weken tot maanden duren. Zorg voor voldoende rust, ga ‘s middags een uurtje rusten. Uw lichamelijke conditie zal geleidelijk verbeteren. Extra rust, ontspanning en goede zorg zijn voorlopig erg belangrijk voor u.
Een goede lichamelijke en psychische conditie bevorderen het herstel na de operatie. De manier van omgaan met gevoelens van verdriet en onzekerheid is voor iedereen verschillend. Voor extra ondersteuning hierbij kunt u bij uw (huis)arts of (oncologie)verpleegkundige terecht. Zij kunnen u zo nodig verwijzen.
Seksualiteit
Als u geopereerd bent door de chirurg en de wond is genezen, is er zowel voor u als voor uw partner geen enkel risico aan seksualiteit verbonden. Als u geopereerd bent door de gynaecoloog kunnen er wel restricties verbonden zijn aan de tijdsduur waarna u mag vrijen. Neem hiervoor contact op met uw gynaecoloog.
Emotioneel kan het enkele maanden duren voordat u weer plezier beleeft aan vrijen. Het is belangrijk hierover met uw partner te praten. Ook uw partner zal in het begin onzeker zijn.
De verandering en beleving van seksualiteit na een operatie is voor iedereen verschillend. Vooral de zin in vrijen kan een langere periode verminderd of afwezig zijn. Mochten er problemen op seksueel gebied ontstaan, dan kunt u deze altijd met uw (huis)arts of (oncologie)verpleegkundige bespreken.
Wanneer kunt u contact opnemen met afdeling C40?
Binnen 48 uur wanneer u de situatie niet vertrouwt, bijvoorbeeld bij:
Koorts hoger dan 38,5 graden en/of als er pus uit de wond komt;
Toenemende pijn in het algemeen;
Aanhoudende misselijkheid/braken waardoor u niet of nauwelijks kunt eten en/of drinken;
Aanhoudende diarree (meer dan 5 keer per 24 uur).
Contactgegevens afdeling C40:
Telefoon: 024 365 78 00
Het liefst bellen tussen 10.00 en 14.00 uur
De verpleegkundige overlegt zo nodig met de dienstdoende arts.
Bij wie kan ik terecht na deze 48 uur?
Na deze 48 uur kunt u tot 14 dagen na opname (met klachten die niet kunnen wachten tot de poliklinische afspraak) contact opnemen met:
Binnen kantooruren:
Heelkunde: Polikliniek heelkunde B58, telefoon 024 365 82 60
Gynaecologie: Polikliniek gynaecologie A38, telefoon 024 365 82 45
Buiten kantooruren (alleen bij klachten die niet kunnen wachten):
Afdeling C40, telefoon 024 365 78 00
Contact
- Urologie
- Chirurgie
- Gynaecologie
G656Laatst bijgewerkt op 13 januari 2026

