Inleiding
Uw MDL-arts heeft u 6-Mercaptopurine (merknaam Purinethol) voorgeschreven voor de behandeling van de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa. Om dit medicijn goed te kunnen gebruiken is het belangrijk dat u er een aantal dingen over weet. Lees voor het gebruik van het medicijn ook de bijsluiter zorgvuldig door. Heeft u na het lezen van deze pagina en de bijsluiter nog vragen dan kunt u terecht bij uw behandelend arts of verpleegkundig specialist.
Werking van 6-Mercaptopurine
6-Mercaptopurine behoort tot de groep van immunosuppressiva. Dit zijn medicijnen die de natuurlijke lichaamsafweer onderdrukken. Daardoor kan de 6-Mercaptopurine de klachten verminderen die passen bij de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa, zoals buikpijn, diarree, gewrichtsklachten en vermoeidheid.
6-Mercaptopurine moet vaak 2 tot 4 maanden gebruikt worden voordat het effect merkbaar is. Daarom gaat u wellicht - in overleg met uw arts - in eerste instantie door met de medicatie die u al gebruikt. Als u goed reageert op het medicijn en er geen bijwerkingen optreden, dan kunt u 6-Mercaptopurine langdurig gebruiken.
Gebruik
6-Mercaptopurine zijn tabletten. De dosis, dus hoeveel tabletten u moet innemen, is afhankelijk van uw lichaamsgewicht en verschilt per persoon. Gebruik altijd de dosering die uw arts u heeft voorgeschreven.
Neem dit medicijn in tijdens of ná de maaltijd. U kunt de tabletten doorslikken met voedsel, water of melk.
Het is belangrijk dat u ze niet breekt of kauwt, maar dat u ze in het geheel doorslikt.
Als u vergeten bent de tabletten in te nemen, neem ze dan op een later tijdstip nog dezelfde dag in.
Als u er de volgende dag achter komt dat u ze vergeten bent, neem ze dan niet extra in. U neemt dan gewoon uw medicijnen als altijd.
Als u misselijk wordt van de 6-Mercaptopurine, adviseren wij u de tabletten over de dag te verdelen of `s avonds voor het slapen gaan in te nemen.
Bijwerkingen
Over het algemeen is 6-Mercaptopurine goed te verdragen. De meeste bijwerkingen treden op in de eerste weken na het starten van 6-Mercaptopurine. U kunt in deze periode last krijgen van een verminderde eetlust, misselijkheid, braken en diarree. Meestal verdwijnen deze klachten binnen 2-3 weken. Enkele weken of maanden na de start met het gebruik van 6-Mercaptopurine kunt u last krijgen van:
Verhoogde kan op infecties, zoals tandvleesontsteking of keelpijn in combinatie met koorts. Dit wordt veroorzaakt door het remmende effect van het geneesmiddel op het beenmerg waar bloedcellen worden gemaakt. Hierdoor kan een storing in de aanmaak van witte bloedcellen optreden. Dit wordt gecontroleerd bij het bloedonderzoek.
Spontane blauwe plekken en/of regelmatige bloedneuzen. Dit kan het gevolg zijn van een verminderde aanmaak van bloedplaatjes door het gebruik van 6-Mercaptopurine.
Leverfunctiestoornissen. Deze stoornissen onder andere een gele verkleuring van het oogwit of van de huid veroorzaken.
Buikklachten die u niet in verband kan brengen met de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa. In zeldzame gevallen treedt namelijk, in het bijzonder in het begin van de behandeling, een alvleesklierontsteking (pancreatitis) op.
Omdat 6-Mercaptopurine de afweer vermindert, bent u meer vatbaar voor infecties. Vermijd daarom intiem contact met mensen die een infectie (bijvoorbeeld griep) doormaken.
Bloedcontrole
Door regelmatig uw bloed te controleren, kunnen vroegtijdig leverbeschadigingen en stoornissen in de bloedaanmaak worden opgespoord. Houdt u zich daarom goed aan de afspraken voor bloedcontrole.
Direct contact opnemen bij de volgende klachten
Onverklaarbare koorts of koude rillingen.
Blaasjes in de mond en keel, bloedneuzen, onderhuidse bloedinkjes.
Onverklaarbare blauwe plekken.
Hevige pijn in de bovenbuik met misselijkheid en braken.
Aanvullende informatie
Alcohol
Zowel alcohol als 6-Mercaptopurine hebben effect op de lever en de alvleesklier. Neem daarom niet meer dan één alcoholconsumptie per dag.
Risico op kanker
Bij langdurig gebruik van6-Mercaptopurine kan de kans op huidkanker en lymfklierkanker vergroot worden. Let daarom op huidveranderingen genoemd onder het kopje ‘Zon’.
Zon
Vermijd felle zon en gebruik van de zonnebank.
Draag beschermende kleding en gebruik zonnebrandcrème met een hoge beschermingsfactor.
Bescherm de huid tegen verbranden.
Controleer de huid regelmatig op veranderingen (ontstaan van wratten, moedervlekken die veranderen van kleur of grootte of gaan jeuken of bloeden).
Combinatie met andere geneesmiddelen
6-Mercaptopurine kan in combinatie met acenocoumarol en fenprocoumon een verhoogde bloedingskans geven. Licht de trombosedienst daarom in over u gebruik van 6-Mercaptopurine.
Als u naast 6-Mercaptopurine ook urinezuur verlagende middelen gebruikt (bijvoorbeeld voor jicht, Zyloric of allopurinol), vragen wij u om uw arts hiervan op de hoogte te stellen.
Vruchtbaarheid
Geneesmiddelenonderzoek naar het gebruik van 6-Mercaptopurine heeft geen ongunstige invloed op de vruchtbaarheid van mannen en vrouwen aangetoond. Overleg bij een zwangerschapswens met uw behandelend arts over uw medicijnen.
Zwangerschap
Vaak is het nodig om met 6-Mercaptopurine door te gaan bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa. Een opvlamming van de ziekte wordt namelijk schadelijker geacht voor moeder en kind dan de behandeling met 6-Mercaptopurine.
Borstvoeding
Er zijn onvoldoende gegevens bekend over de veiligheid van 6-Mercaptopurine bij het geven van borstvoeding. Hoewel 6-Mercaptopuine maar in kleine hoeveelheden in de moedermelk komt, wordt het gebruik tijdens de borstvoedingsperiode afgeraden.
Vaccinaties
Meld altijd aan uw arts dat u 6-Mercaptopurine gebruikt. 6-Mercaptopurine kan de werkzaamheid van sommige vaccins verminderen en de kans op bijwerkingen door de vaccins vergroten. Vaccinatie met een verzwakt levend vaccin, zoals bof, mazelen, rode hond (BMR), gele koorts of BCG moeten vermeden worden tijdens het gebruik van 6-Mercaptopurine. Overleg met uw apotheker of arts indien u moet worden gevaccineerd. De griepvaccinatie wordt bij het gebruik van 6-Mercaptopurine aangeraden.
Vragen
Als u na het lezen van deze informatie nog vragen heeft, kunt u contact opnemen met uw behandelend MDL-arts of verpleegkundige specialist. U kunt dan bellen met telefoonnummer 024 365 80 70. U kunt ook een e-consult sturen naar uw zorgverlener via MijnCWZ.
G810Laatst bijgewerkt op 31 januari 2026

