LAR syndroom

Behandeling

Inleiding

Na een operatie aan de endeldarm (waaraan soms ook bestraling en/of chemotherapie aan vooraf is gegaan) of dikke darm kunt u last hebben van klachten die te maken hebben met het LAR Syndroom. Op deze pagina leest u meer over deze klachten en wat de behandelopties zijn. Ook krijgt u tips en adviezen die u zelf kan toepassen om de klachten te verminderen.

Wat is het LAR syndroom?

Het LAR Syndroom is een verzamelnaam voor klachten die kunnen ontstaan na een endeldarmoperatie. Soms is hier ook bestraling en/of chemotherapie aan voorafgegaan. LAR staat voor low anterior resectie.

Verandering van de endeldarm
De endeldarm is een soort reservoir dat signalen afgeeft als de darm vol met ontlasting is. Het verwijderen van de hele of een gedeelte van de endeldarm verstoort die signaalfunctie, waardoor het gevoel van aandrang verandert of verdwijnt. Ook bevindt zich een netwerk van zenuwen rondom de endeldarm die zorgt dat de signaalfunctie in stand blijft. Door een operatie en/of bestraling kan dit netwerk van hele fijne zenuwen beschadigd raken en hierdoor kan ook de signaalfunctie veranderen of verdwijnen. Tevens kan de kringspier minder goed werken door een operatie of bestraling. Met name bij vrouwen bij wie als gevolg van een bevalling de kringspier al minder goed functioneert, geeft dit sneller problemen na bestraling en/of operatie.

Wat verder meespeelt in de ernst van de klachten, is de ruimte tussen kringspier en nieuwe aansluiting van de darm. Dat wil zeggen: hoe dichter de nieuwe aansluiting bij de kringspier zit, hoe heviger de klachten nadien. Het gevolg van deze veranderingen kan ernstige klachten veroorzaken, waaronder ongewild verlies van ontlasting of windjes.

Naast de gestoorde ontlasting, kan er na endeldarmoperatie een stoornis ontstaan van zowel de blaaslediging als van de seksuele functies (zowel bij de man als bij de vrouw).

Klachten door het LAR syndroom

  • Vaker naar het toilet voor ontlasting, soms wel 10 tot 15 keer per dag, ook gedurende de nacht

  • In een korte tijd (1,5 tot 2 uur) meerdere keren achter elkaar naar het toilet moeten. Dit wordt ook wel clustering van ontlasting genoemd

  • Dunnere ontlasting (soms waterdun) dan voor de operatie

  • Een sterke aandrang van ontlasting die moeilijk uit te stellen is, waardoor er altijd een toilet in de buurt moet zijn

  • Ongewild verlies van ontlasting

  • Ongewild verlies van windjes

Ongeveer drie tot zes maanden na de operatie worden de klachten langzaam minder. Het herstel duurt maximaal twee jaar, dan is er een soort 'eindstadium' bereikt en is er geen spontane verbetering meer te verwachten.

Het ontlastingspatroon wordt meestal nooit meer zoals het voor de operatie was. Na een endeldarmoperatie is het normaal als u 3 tot 7 keer per 24 uur ontlasting heeft. Ongeveer een derde van de mensen heeft in meerdere mate last van bovenstaande klachten na een endeldarmoperatie.

Scorelijsten
Na uw operatie zullen er regelmatig scorelijsten afgenomen worden. Door het bijhouden van scorelijsten kan er goed inzicht verkregen worden in de mate van klachten. Ook kan er later bekeken worden of u minder klachten heeft als de behandeling aangepast is.

De eerste scorelijst zal ongeveer 2 weken na uw operatie samen met u afgenomen worden op de polikliniek, dat is de LARS-score. Indien nodig wordt deze scorelijst vaker afgenomen. Deze scorelijst vindt verderop op deze pagina.

De tweede scorelijst die gebruikt wordt, is de Bristol Stool schaal. Deze schaal geeft aan welke vorm de ontlasting heeft en welke score daarbij hoort. Deze vragenlijst vindt verderop op deze pagina.

Behandeling LAR syndroom

De behandeling van het LAR syndroom is afhankelijk van de klachten. Op de pagina: ‘Klachten na een endeldarmoperatie’ kunt u lezen wat u zelf kunt doen om deze klachten te verminderen. Deze adviezen hebben vooral betrekking op voeding en leefstijladviezen.

Als blijkt dat deze adviezen niet voldoende helpen om uw klachten te verminderen, dan zijn er verschillende behandelopties die besproken kunnen worden door uw verpleegkundig specialist of de stomaverpleegkundige.

  • Problemen met de stoelgang worden groter als de ontlasting te dun of te dik is. Op de laatste pagina van deze informatie staat de Bristol Stool schaal. Deze schaal geeft aan welke vorm de ontlasting heeft en welke score daarbij hoort. De ideale score op de Bristol Stool schaal voor ontlasting is tussen 3 en 4.

    Wanneer de ontlasting te dun is, dan kunt u psylliumvezels gebruiken. Gebruik dit 1 keer per dag, bij onvoldoende werking kunt u dit 2 keer per dag gebruiken. Dit kan opgehoogd worden tot maximaal 3 zakjes per dag, overleg hiervoor met de stomaverpleegkundige of verpleegkundig specialist.

    Voor gebruik van psylliumvezels, zie onderstaand tabel.

    • Gebruik psylliumvezels

      Psylliumvezels kan gebruikt worden om de ontlasting in te dikken en de frequentie te verminderen. Psylliumvezels kunnen ook gebruikt worden om harde ontlasting soepeler te maken.

      Om het gewenste effect van dit middel te bereiken zijn er verschillende wijze van inname:

      1. Om harde ontlasting soepeler te maken

        U lost de inhoud van het zakje psylliumvezels op in een glas water, goed roeren en onmiddellijk opdrinken. Na elke dosis een extra glas water drinken, niet innemen vlak voor het slapengaan.

      2. Om te dunne ontlasting vaster te maken

        Gebruik psylliumvezels een half uur voor de maaltijd. Doe de inhoud van het zakje psylliumvezels in 50ml water, roer dit goed en neem onmiddellijk in. Het middel dikt in zodat er een gelachtige substantie ontstaat.

        Drink daarna een half uur niet, tot de maaltijd.

        Let op! Dit advies is in tegenstelling tot wat er in de bijsluiter vermeldt staat.

  • Wanneer de ontlasting ondanks de psylliumvezels erg dun blijft, dan kan in overleg met de stomaverpleegkundige of verpleegkundig specialist Loperamide gestart worden. Loperamide dikt de ontlasting in, vermindert de aandrang en daarmee vermindert het de aantal keren dat u ontlasting heeft.

    Neem Loperamide een half uur voor de maaltijd in en eventueel voor de nacht, wanneer u in de nacht klachten heeft.

    Let op! Loperamide kan verstopping geven als er te veel wordt ingenomen. Daarom wordt loperamide rustig opgebouwd waarbij de dikte van de ontlasting goed in de gaten wordt gehouden. Start met 1 x daags 1 capsule, in overleg met de stomaverpleegkundige of verpleegkundig specialist mag dit langzaam opgebouwd worden totdat de ontlasting de juiste vastheid heeft.

  • Bij ongewild verlies van ontlasting, bij sterke aandrang of obstipatie kunnen oefeningen bij een bekkenfysiotherapeut helpen. Via deze website www.defysiotherapeut.com kunt u een gespecialiseerde bekkenfysiotherapeut vinden bij u in de buurt. Een verwijzing hiervoor is meestal niet nodig.

  • Stop met roken, dit verhoogt het samentrekken van de darm en zorgt voor winderigheid.

  • Wanneer u klachten krijgt van de anus door de ontlasting, zoals een branderig gevoel en jeuk, gebruik dan na iedere ontlasting water en een zacht washandje om de anus schoon te maken. Gebruik geen zeep of hard toiletpapier.

  • Ter bescherming van de huid of bij een kapotte huid kunt u sudocrème, Bepanthen of zinkoxidezalf proberen. Deze middelen zijn verkrijgbaar bij de drogist. Wanneer dit onvoldoende werkt, neem dan contact op, er kan dan een ander middel voorgeschreven worden.

  • Wanneer de ontlasting te dik blijft, dan kan macrogol (Movicolon) voorgeschreven worden. Dit zakje lost u op in een glas water, drinkt daarna nog een glas water. Het water wordt door de macrogolzouten vastgehouden waardoor de ontlasting dunner en soepeler van vorm wordt.

  • Darmspoelen kan worden ingezet bij ernstige aanhoudende klachten. Als de klachten na 6 tot 12 maanden niet zijn verminderd, of wanneer de klachten u beperken in uw dagelijks functioneren, is darmspoelen een goede manier om de dikke darm te legen. Hierbij wordt via een spoelsysteem water via de anus ingebracht. De darm zal zich vullen.

  • Door de vulling wordt een natuurlijke reactie opgewekt om de ontlasting te lozen. Het is bedoeld om ongewild verlies van ontlasting te voorkomen en veelvuldige aandrang te verminderen. Spoelen is een dagelijks terugkomende activiteit die u zelf thuis kunt doen na instructies en waar u gemiddeld 30 tot 60 minuten mee bezig bent. Daarna hebt u als het goed gaat de hele dag geen ontlasting meer. De stomaverpleegkundige kan u hier meer uitleg over geven.

Dieetadviezen

Wanneer u al bij een diëtist bekend bent vanwege bijvoorbeeld ongewenst gewichtsverlies dan kunnen andere adviezen gelden. Overleg dit met uw diëtist.

Wanneer u last heeft van het LAR syndroom kan de stomaverpleegkundige of verpleegkundig specialist u verwijzen naar een diëtist. Onderstaande adviezen zijn een richtlijn, een diëtist zal een individueel advies opstellen.

Eet volgens de richtlijn ‘gezonde voeding’ van het Voedingscentrum
Informatie over gezonde voeding volgens de Schijf van Vijg, kunt u vinden via de website van Voedingscentrum: https://www.voedingscentrum.nl/nl/gezond-eten-met-de-schijf-van-vijf.aspx

In het kort de Schijf van Vijf:

  • Neem veel groente en fruit, vooral uit het seizoen.

  • Varieer met vis, peulvruchten, noten, eieren en vegetarische producten. Eet meer plantaardig en niet te veel vlees.

  • Neem genoeg zuivel, zoals melk, yoghurt en kaas, maar niet meer dan de aanbevolen hoeveelheden.

  • Eet elke dag een handje ongezouten noten.

  • Kies vooral volkoren producten, zoals volkorenbrood, volkorenpasta en –couscous en zilvervliesrijst.

  • Ga voor dranken zonder suiker: kraanwater, thee en koffie.

  • Smeer en bak met zachte of vloeibare oliën en vetten.

  • Eet elke dag genoeg uit elk vak.

  • Varieer binnen de verschillende vakken.

Sla uw ontbijt niet over en neem voldoende voedingsvezels
Een ruim ontbijt stimuleert het op gang komen van de ontlasting. Vezels zorgen ervoor dat de werking van de darm op gang komt en de darmen in beweging blijven.

Hoe zorg je voor een goede stoelgang en welke voedingsmiddelen bevatten voedingsvezels?
Veel voedingsmiddelen bevatten van nature voedingsvezels. Denk hierbij aan producten zoals groente, fruit, peulvruchten, aardappelen, bruin- en volkorenbrood, volkorencrackers, zemelen, volkoren- en meergranenpasta, zilvervliesrijst, noten en zaden.

Meer informatie over vezels kunt u vinden op: https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/vezels.aspx

Het beperken van drinkvocht en advies over zout
Deze informatie geeft algemene vocht- en zoutadviezen bij een hoge LARS-score. Uw behandelend diëtist zal u een individueel advies ten aanzien van hoeveelheid en soort vocht geven.

Met drinkvocht wordt bedoeld alles wat vloeibaar ingenomen wordt. Denk aan alle dranken, soep, bouillon, vruchtenmoes, pap, vla, ijs, maar ook drink- en sondevoeding.

De maximale hoeveelheid kan per persoon verschillen.

Dranken kunnen hypotoon, isotoon en hypertoon zijn. De verschillende soorten dranken hebben invloed op de ontlasting en kunnen daarom bijdragen aan een goed ontlastingspatroon.

In onderstaand schema zijn verschillende soorten dranken verwerkt, met daarbij het effect op de ontlasting.

Zout

Hypotone dranken

Isotone dranken 

Hypertone dranken

Dit zijn dranken met een lagere concentratie aan suikers en/of zouten dan de vloeistoffen in ons lichaam  

Dit zijn dranken met dezelfde concentratie aan suikers en/ of zouten dan de vloeistoffen in ons lichaam 

Dit zijn dranken met een hogere concentratie aan suikers en/of zouten dan de vloeistoffen in ons lichaam. 

Zorgt voor toename van ontlasting 

Zorgt voor vermindering van ontlasting 

Zorgt voor toename van ontlasting 

 < 250 mosmol/l

 250 – 325 mosmol/l

> 325 mosmol/l

  • water

  • thee en koffie zonder suiker of met minder dan 6 gram suiker per 100 ml

  • light frisdrank

  • suikervrije limonade (bijv. Slimpie)

  • sportdrank met minder dan 6 gram koolhydraten per 100 ml (kijk hiervoor op de verpakking)

  • ORS

  • groente- en tomatensap waaraan uzelf extra zout heeft toegevoegd,

  • bouillon, soep

  • karnemelk, yoghurt naturel

  • melk (met mate i.v.m. grotere hoeveelheid melksuiker/lactose dan in zure melkproducten

  • aanmaaklimonade met 6 tot 8 gram koolhydraten per 100 ml bereid product (kijk hiervoor op de verpakking)

  • thee/koffie/espresso met 6-8 gram suiker per 100 ml

  • isotone sportdrank met 6-8 gram koolhydraten per 100 ml (kijk hiervoor op de verpakking)

  • vruchtensap, vruchtenmoes 

  • frisdrank (met suiker) 

  • energy sportdrank met meer dan 8 gram koolhydraten per 100 ml (kijk hiervoor op de verpakking) 

  • aanmaaklimonade met meer dan 8 gram koolhydraten per 100 ml bereid product (kijk hiervoor op de verpakking) 

  • thee of koffie met  meer dan 8 gram suiker per 100 ml 

  • waterijs, roomijs 

  • melkproducten gezoet; o.a. vla, vruchtenyoghurt of kwark, pap, chocolademelk ed. 

  • medische drinkvoeding 

Bij waterdunne ontlasting, meerdere keren per dag, verliest u veel vocht en zouten. Wanneer u hier last van heeft, dan kunt u een zouttekort krijgen. Bij een zouttekort kunt u de volgende klachten ervaren:

  • Braken

  • Misselijkheid

  • Ernstige hoofdpijn

  • Opgeblazen gevoel

  • Verwardheid

Bij een zouttekort is het noodzakelijk om zout aan te vullen door zoutrijke producten te gebruiken. De volgende producten bevatten veel zout: keukenzout, smaakverfijner zoals aromat, ketjap zoet en zout, soepversterker zoals maggi, tomatenketchup, curry, zoute vleeswaren (rookvlees, rauwe ham, ‘worst’ soorten), (smeer)kaas, chips en zoutjes, haring, groentesap/tomatensap waar u zelf nog extra zout aan heeft toegevoegd, kant en klare kruidenmixen, augurken, olijven, bouillon en soep. Gebruik zoutrijke producten royaal en goed verspreid over de dag.

Vragen

Mocht u vragen of opmerkingen hebben, neem dan met ons contact op:

  • Stomaverpleegkundigen: 024 365 77 47 (spreek voicemail in)

  • Verpleegkundig specialist GIO: 024 365 80 73 (aanwezig dinsdag t/m vrijdag)

  • GIO-polikliniek: 024 365 80 64

  • Diëtetiek: 024 365 85 59

Bijlage I: LARS-score

Bijlage II: Bristol Stool schaal

G927 Bristol Stool Chart ontlasting 1-7

G927Laatst bijgewerkt op 16 januari 2026

Inhoudsopgave