Kinderen op bezoek op de intensive care (IC)

Algemeen

Informatie voor ouders/verzorgers 

Inleiding

Als een ouder of een familielid op de intensive care (IC) is opgenomen, kan dit voor kinderen veel vragen oproepen. Kinderen hebben vaak goed door dat er iets aan de hand is, maar begrijpen niet altijd wat er precies gaande is. Daarom is het goed dat u als ouder of verzorger, voordat u de intensive care bezoekt, uitleg geeft aan het kind(eren) wat hij/zij kan verwachten.

Deze informatie kan u daarbij helpen. Niet alle tips/adviezen zijn van toepassing op elke situatie. U kent het kind goed en u kunt dan ook het beste inschatten wat uw kind helpt.

Hoe vertel ik mijn kind(eren) dat zijn/hun vader, moeder of ander familielid op de intensive care ligt?

Geef uitleg over de ziekte en de situatie van het familielid

Als kinderen onvoldoende of geen informatie krijgen over de situatie kunnen ze hier een eigen invulling aan geven. Een kind wil graag een ‘oplossing’ weten. Als hij/zij niet voldoende informatie krijgt, gaat hij/zij een oplossing fantaseren.

Hierbij is het belangrijk om de informatie af te stemmen op het niveau van het kind. Betrek uw kind zoveel mogelijk bij de situatie. Geef concrete informatie over alles, met name: hoe ziet iemand eruit, wat hoort uw kind (geluiden van de patiënt en/of van de apparatuur), hoe ruikt het op de kamer en hoe voelt de huid van de patiënt aan (koud, klam, warm, etc).

Vertel de dingen die u zeker weet en geef uw kind de gelegenheid tot het stellen van vragen. Wees eerlijk in wat u vertelt. Een kind vindt het niet erg als u aangeeft dat u iets niet weet.

Geef antwoord op vragen

De vragen van uw kind geven aan waar hij/zij mee bezig is en waar ze in het verwerkingsproces zijn. Door te reageren op de vragen van uw kind laat u merken dat uw kind gehoord wordt en kan worden voorkomen dat u te veel informatie geeft of dat informatie niet aankomt.

Wees er op voorbereid dat u meerdere keren zult moeten uitleggen wat er aan de hand is. Herhaling van informatie is vooral voor jongere, maar ook voor oudere kinderen belangrijk. Door herhaling krijgen ze vat op de situatie en vinden ze een manier om er mee om te gaan.

Wees erop alert dat vragen ineens, op voor volwassenen onverwachte momenten, gesteld kunnen worden.

Benoem uw emoties

Stel de patiënt op de hoogte van het bezoek, het bezoek kan emotionele reacties oproepen, zowel van de patiënt zelf als van uw kind. Kinderen worden geconfronteerd met emoties, hun eigen emoties, maar ook met de emoties van de volwassenen om hen heen. Door uw eigen emoties te benoemen leert uw kind dat het normaal is om bepaalde emoties te voelen en te uiten.

Benoem uw verdriet, boosheid, angst en ongeloof, bijvoorbeeld als u huilt. ‘Papa / mama moet even huilen. Ik ben zo verdrietig / boos over wat er is gebeurd…’. U hoeft uw eigen emoties niet te verbergen. Dit geeft u ook de gelegenheid om naar de emoties van uw kind te vragen.

Met een kind op bezoek op de intensive care

Kinderen zijn welkom op de intensive care. Met name beeldmateriaal, zoals foto’s maken en een dagboek bijhouden, kunnen helpen bij een goede voorbereiding. Dit kan kinderen een duidelijker beeld geven van de situatie.

Als uw kind aangeeft liever niet op bezoek te willen, respecteer dit dan. Vraag wel waarom uw kind niet wil gaan. Misschien kan datgene waar hij/zij bang voor is, verholpen worden.

Wanneer uw kind niet op bezoek wilt komen, houdt dit niet in dat u dan geen informatie moet geven over de toestand van uw familielid. Zo kan uw kind wel bij het proces betrokken worden. Ook voor de emotionele verwerking kan dit op een later tijdstip erg belangrijk zijn.

Het is raadzaam om vooraf met de verpleegkundige een tijdstip af te spreken wanneer jullie langs komen. Hij/zij kan u ook helpen met de voorbereiding van uw kind.

Op de intensive care

Een kind mag nooit alleen op bezoek komen. Er moet altijd een volwassene bij zijn. Dit kan de ouder/verzorger zijn of een ander familielid. Zorg dat er een goede bekende meekomt die er alleen is voor uw kind. Deze persoon kan, als uw kind aangeeft uit de kamer weg te willen, dit ook doen zonder dat u zelf mee hoeft te gaan. Veel kinderen hebben de behoefte om steeds even binnen te komen. Neem dus ook iets mee wat kinderen in het ziekenhuis kunnen doen.

Het is belangrijk dat er goed op de reacties van uw kind wordt gelet. De verpleegkundige kan u begeleiden tijdens het bezoek en eventueel helpen bij de vragen die uw kind stelt.

Na het bezoek

Praat na het bezoek altijd even na met uw kind. Dit biedt hem/haar de mogelijkheid te reageren op wat hij gezien, gedacht en gevoeld heeft. Bijvoorbeeld in de familiekamer of thuis. Probeer de reacties van uw kind te verwoorden en gevoelens te benoemen. Vraag goed uit of alles duidelijk is en of er nog vragen zijn. Soms hebben kinderen meer tijd nodig om het bezoek te verwerken en komen ze juist thuis met vragen. Ook volgende bezoeken kunt u op deze manier aanpakken.

Kinderen kunnen anders met gevoelens omgaan dan volwassenen. Ze maken voor zichzelf tastbaar wat er in de buitenwereld gebeurt. Ze kunnen andere uitingsvormen nodig hebben. Vaak spelen ze een situatie na of maken hier een tekening van. Geef ze hier de gelegenheid voor. Herhaling in dat spel is belangrijk, hierdoor leren en verwerken kinderen.

Kinderen delen niet altijd hun gevoelens met hun ouder(s). Ze kunnen bang zijn om ouders extra verdrietig te maken. Als u dat merkt, zorg dan dat er iemand anders beschikbaar is. Het is ook belangrijk om de school of het kinderdagverblijf in te lichten over de thuissituatie van uw kind.

Mogelijke reacties van het kind

Kinderen kunnen zich op diverse manieren uiten. Het ene kind wordt veel stiller, trekt zich terug, terwijl een ander kind zich veel actiever of boos uit.

Als een kind zich hulpeloos voelt, kan dit verstopt worden in prikkelbaar gedrag, dwangmatig zorgen of in bazig en controlerend reageren. Probeer als ouder enerzijds het gevoel van uw kind te erkennen en anderzijds wel grenzen te blijven stellen aan het gedrag van uw kind. Deze grenzen geven uw kind duidelijkheid.

Soms voelen kinderen zich schuldig over het feit dat een ouder of familielid ziek is.

Neem schuldvragen altijd serieus. Luister ernaar, erken dat ze er zijn en maak ook heel duidelijk dat het niet de schuld is van uw kind.

Besmettelijkheid

Kinderen kunnen denken dat de persoon die ziek is, besmettelijk is en dat zij hierdoor dus ook ziek kunnen worden. Dit geldt ook voor kinderen op school die ineens niet meer met uw kind willen spelen. Probeer uw kind (en school) gerust te stellen en uit te leggen dat er geen besmetting mogelijk is of dat er zo nodig beschermende kleding gedragen kan worden.

(Psycho)somatische klachten

Kinderen kunnen lichamelijke klachten krijgen zoals buikpijn of hoofdpijn. Sommige kinderen worden angstig, durven niet meer alleen te zijn, ze zijn bang om hun familielid te missen of om zelf dood te gaan. Neem dit serieus en vraag eventueel hulp.

Ten slotte

Informeer belangrijke personen in de omgeving zoals leerkrachten, leidsters van de buitenschoolse opvang, ouders van vriendjes en/of buren. Het kan zijn dat uw kind minder goed kan opletten of ander gedrag gaat vertonen. Het is belangrijk dat het dagelijks leven zoveel mogelijk door te laten gaan. Het geeft kinderen een gevoel van veiligheid, houvast en afleiding. Laat ze naar school gaan en als het mogelijk is ook naar clubs of spelen met vriendjes. Vraag mensen om u heen of ze uw kinderen mee naar school nemen, sportclubs etc.

Het allerbelangrijkste: laat zien dat u van uw kind houdt

Welke problemen er ook zijn, voor uw kind is het belangrijkste dat u van hem houdt. Elke vader of moeder heeft een eigen manier om dat duidelijke te maken. Een knuffel, een aai, een knipoog of met lieve woordjes. Als u dat duidelijk maakt aan kinderen, iedere dag opnieuw, dan kunnen kinderen veel moeilijke situaties aan.

Boekentips

  • ‘Lucas gaat intensief’

  • Stefan Boonen en Brigitte Vangehugten

  • ‘Waarom brandt hier altijd licht?’

  • Peggy Simons en Nardo van der Meer

  • ‘Als papa slaapt hoe kan hij dan eten?’

  • Nathalie Zwaard

  • ‘Nijntje in het ziekenhuis’

  • Dick Bruna

Bronnen: Elizabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) Tilburg en Radboudumc Nijmegen

G876Laatst bijgewerkt op 2 februari 2026

Inhoudsopgave