Gebroken heup

Behandeling

Orthopedie

Inleiding

U bent in CWZ binnengekomen via de spoedeisende hulp. Daar is gebleken dat uw heup gebroken is. Samen met de behandelend arts heeft u en/of uw familie besloten dat er een operatie plaats moet vinden. Zo’n operatie is geen kleinigheid en de revalidatie vraagt veel wilskracht en inspanning van de patiënt en zijn familie. ‘Een goed begin is het halve werk’ geldt ook voor een heupoperatie die met spoed moet worden uitgevoerd. Een goede voorbereiding zal zeker bijdragen aan een vlot herstel. Op deze pagina kunt u lezen over de operatie, de opname in het ziekenhuis, de revalidatieafdelingen van het verpleeghuis en adviezen voor de herstelperiode thuis. We raden u aan om deze pagina goed te bewaren zodat u het kunt gebruiken als naslagwerk.

Een gebroken heup

Een gebroken heup is een probleem dat regelmatig voorkomt bij oudere mannen en vrouwen, die in of rondom hun eigen huis vallen. De oorzaak kan verschillend zijn: van een stoepje dat niet wordt gezien, een matje waarover uitgegleden wordt tot duizeligheidsklachten die aanleiding zijn voor een valpartij. Indien nodig zal dit tijdens deze opname nog nader worden onderzocht.

De heup kan op verschillende manieren breken. De meest voorkomende heupfracturen zijn:

Dijbeenhalsbreuk (collum-fractuur): deze breuk ligt in het bovenste gedeelte van het dijbeen, ongeveer 2,5 - 5 cm van de heupkop af. Deze breuk ligt binnen het heupkapsel. Hierdoor kan de bloedvoorziening naar de afgebroken kop in gevaar komen en de kop afsterven.

G580-A dijbeenhalsbreuk collumfractuur

Breuken door de verdikkingen van de heupkop (pertrochantere fracturen): deze breuk bestaat vaak uit meerdere delen en is hierdoor minder stabiel en stevig.

G580-A breuk door verdikking pertrochantair

Breuken onder de verdikkingen (subtrochantere fracturen): deze komen minder vaak voor.

G580-A breuk onder verdikking subtrochantair

Klachten en diagnose

Na de val is er sprake van veel pijn. Het is meestal niet meer mogelijk om te lopen of staan op het aangedane been. Vaak ligt het been naar buiten gedraaid en lijkt het korter. Bij binnenkomst in het ziekenhuis zijn er röntgenfoto’s genomen van uw beide heupen. Op de foto is te zien waar het bot gebroken is en hoever de verschillende stukken uit elkaar staan.

Besluit tot operatie

Wanneer blijkt dat de heup gebroken is, wordt in overleg met u en uw familie een besluit genomen over een operatie. U hebt de beste kans op herstel van de breuk en de minste kans op complicaties als u zo snel mogelijk weer uit het bed kan, al is het maar zitten op een stoel. Daarom zal men, hoe matig uw conditie ook is, bijna altijd kiezen voor een operatie zodat u weer snel uit bed kan.
Voordat u de operatie kunt ondergaan wordt er bloed afgenomen. Als u zestig jaar of ouder bent, wordt ook een hartfilmpje gemaakt. De anesthesioloog onderzoekt u nog voor de operatie en bespreekt met u uw gezondheidstoestand en de verschillende vormen van verdoving die bij de operatie mogelijk zijn. Meer uitleg hierover kunt u lezen op de pagina ‘verdoving (anesthesie) bij volwassenen’. Als er geen bijzonderheden zijn, kan de operatie doorgaan.

Voorbereiding op de operatie

U bent acuut opgenomen in het ziekenhuis. Hierdoor heeft u zich niet kunnen voorbereiden op de operatie die komen gaat. Hierbij een aantal tips voor uw verblijf in CWZ.

Wat heeft u nodig?
Tijdens uw opname heeft u nodig:

  • Krukken of rollator

  • Ondergoed en bedkleding (bij voorkeur met korte of oprolbare mouw)

  • Gemakkelijk zittende kleding (niet te strakke rok of broek)

  • Kamerjas

  • Toiletartikelen (geen handdoek en washandjes)

  • Boek of tijdschrift

  • Goede schoenen

Waardevolle bezittingen
Het is raadzaam grotere geldbedragen, sieraden en andere kostbaarheden mee naar huis te geven. Mocht dit niet lukken dan zijn er kluisjes beschikbaar voor het opbergen van uw kostbaarheden. De ervaring is dat het gevaar van zoekraken en diefstal in een openbaar gebouw aanwezig is. Het ziekenhuis kan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld.

Medicijnen
De medicijnen die u tijdens uw verblijf nodig heeft, ontvangt u van de ziekenhuisapotheek. Neem geen medicijnen in zonder hierover overleg te plegen. Een combinatie van geneesmiddelen kan bij ondeskundig gebruik namelijk gevaarlijk zijn.
Het is belangrijk om te weten welke medicijnen u tot de opnamedag heeft gebruikt. Neem daarom deze medicijnen in de originele verpakking mee. Of laat deze door familie of een bekende meenemen.

Dieet
Als u een bepaald dieet volgt, vragen wij u dit aan de verpleegkundige te melden. Dan wordt bekeken of wijzigingen hierin nodig zijn.

Allergie
Wanneer u weet dat u voor bepaalde stoffen allergisch (overgevoelig) bent, is het belangrijk dit te melden. Hiermee wordt dan rekening gehouden bij uw behandeling en verpleging.

De dag van opname

Op de opnamedag heeft u een gesprek met een verpleegkundige over zaken die voor de verpleging belangrijk zijn om te weten. Tevens vertelt de verpleegkundige u één en ander over de operatie. Als u dat prettig vindt, kan uw partner/ begeleider bij het opnamegesprek aanwezig zijn. Zo kan iemand uit uw naaste omgeving een goed beeld krijgen van de operatie.

Vast aanspreekpunt
De verpleegkundig specialist is een verpleegkundige die door een gespecialiseerde opleiding in de orthopedie/traumatologie bevoegd is een aantal taken van een arts over te nemen. De verpleegkundig specialist is verantwoordelijk voor de coördinatie van de medische en verpleegkundige zorg rondom uw operatie en verblijf in het ziekenhuis. Zij begeleidt u gedurende de opname en bespreekt met u de mogelijkheden na het ontslag uit het ziekenhuis. Ook op de polikliniek is zij voor u een vast aanspreekpunt.

Geriater
Klinische geriatrie is het specialisme dat zich richt op de behandeling van de oudere patiënt. De geriater werkt in een consultteam met een verpleegkundig specialist geriatrie en een verpleegkundige geriatrie. Dit consultteam zal altijd bij patiënten (ouder dan 70 jaar) met een heupfractuur betrokken worden. Bij een acute opname in verband met een heupbreuk is de kans op een bijkomende acute verwardheid (delier) en (verder) functieverlies hoog. Het team geeft medische en verpleegkundige adviezen ter voorkoming en/of behandeling hiervan.

Pijnstilling
Voor de operatie start u met de pijnmedicatie. Dit bestrijdt de pijn en bouwt een spiegel in uw bloed op zodat de pijnmedicatie na de operatie meer effect heeft.

Niet eten en drinken, nuchter
Omdat de operatie onder verdoving plaatsvindt, is het nodig dat u nuchter bent. U wordt hierover geïnformeerd wanneer het aan de orde is. Meer informatie hierover kunt u lezen op de pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen’.

Infuus
Ter voorbereiding op de operatie wordt er een infuusnaald ingebracht. Hierdoor kan antibiotica en vocht toegediend worden.

Doorliggen (decubitus)
Als gevolg van de gebroken heup en de operatie heeft u kans op doorliggen. Om de kans hierop te verminderen ligt u op een speciaal matras.

De operatie

Voorbereidingen

  • Voordat u naar de operatiekamer gaat, krijgt u eerst op de afdeling de voorbereidende medicijnen voor de anesthesie (premedicatie). Het is belangrijk dat u deze medicijnen voor de ingreep inneemt.

  • Tijdens de operatie draagt u een operatiejasje dat u op de afdeling alvast aantrekt. Dit is voor de hygiëne op de operatiekamer en zo infecties te voorkomen.

  • U krijgt zo nodig een blaaskatheter zodat u niet met uw pijnlijke heup op de po hoeft.

  • Wanneer u een gebitsprothese of piercing in heeft, moet u deze uit doen.

  • Ook mag u geen make-up gebruiken en moet u sieraden af doen.

  • Een kwartier voor de ingreep wordt u naar de voorbereidingsruimte van de operatieafdeling gebracht. Hier worden u nog een aantal vragen gesteld.

  • U gaat in uw bed naar de operatiekamer en schuift op een smalle operatietafel. De anesthesioloog geeft u de verdoving, die met u besproken is. Ook zal er voordat de operatie begint bewakingsapparatuur aangesloten worden. Hiermee kunnen lichaamsfuncties zoals bloeddruk, pols en ademhaling tijdens de operatie goed bekeken worden.

De operatie
De operatie duurt ongeveer 1 tot 1,5 uur. Om bij het heupgewricht te kunnen komen, maakt de chirurg een snee aan de zijkant van uw bovenbeen. De operatie kan op verschillende manieren plaatsvinden afhankelijk van de soort breuk.

  • Platen en schroeven (Gammanail of Gannet): De eigen heupkop wordt behouden en de heup wordt gerepareerd met behulp van schroeven en pinnen. De chirurg bepaalt of en hoeveel het been meteen belast mag worden.

  • De kophalsprothese: de heupkop wordt vervangen door een prothese. Na de operatie mag het been direct worden belast.

  • De totale heupprothese: het heupgewricht (de kop én de kom) wordt vervangen door een kunstgewricht (een prothese). Na de operatie mag het been direct worden belast.

G580-A gebroken heup orthopedie set 4 heupfracturen

Landelijke registratie
Uw operatiegegevens zullen worden geregistreerd in de Landelijke Registratie Orthopedische Implantaten en de Dutch Hip Fracture Audit. Als u hier bezwaar tegen heeft, kunt u dit melden aan uw behandelend specialist.

Complicaties
Na een goed uitgevoerde operatie kunnen toch complicaties optreden. Complicaties die kunnen ontstaan zijn:

  • Trombose: Er kan een verstopping van een bloedvat in het been (trombose) ontstaan. Wanneer dit niet behandeld wordt, kan er een stolsel naar de longvaten of hersenvaten schieten. Dit kan zeer ernstige gevolgen hebben. Trombose is herkenbaar aan een gezwollen, glanzende en pijnlijke kuit. Om trombose tegen te gaan, krijgt u gedurende 4 weken bloedverdunnende injecties voorgeschreven. Als u zelf bepaalde bloedverdunnende medicijnen gebruikt is dit wellicht niet van toepassing. Dit hoort u van de arts/verpleegkundige specialist.

  • Nabloeding

  • Acute verwardheid (delier): hierover kunt u meer lezen op de pagina ‘Delier (acute verwardheid)’.

  • Doorliggen (decubitus): hierover kunt u meer lezen in op de pagina ‘Doorliggen voorkomen – decubitus’.

  • (Wond)infectie: Dit kan een oppervlakkige infectie zijn, maar ook een diepe infectie rond de delen van de prothese of het kunstmateriaal. Diepe infecties kunnen tot ernstige complicaties leiden, waardoor de ziekenhuisopname verlengd wordt.

  • Luxatie: Bij een prothese bestaat de kans dat de heupkop uit de heupkom schiet. Dit komt het meeste voor in de eerste 2 maanden na het plaatsen van een prothese. U vermindert de kans op een heupluxatie als u de adviezen van uw arts en fysiotherapeut zorgvuldig opvolgt.

  • Zwelling: Na de operatie kan een zwelling van het onderbeen ontstaan. Dit is een normaal verschijnsel na een heupoperatie en zal in de loop van de enkele maanden weer verdwijnen. Eventueel kan men de zwelling tegengaan door het dragen van een steunkous.

  • Losraken: De heupprothese wordt duurzaam en stabiel vastgezet. Toch kan het soms voorkomen dat deze gaat loszitten en pijn veroorzaakt. In dat geval is een extra operatie nodig (‘revisie’). Ook kan het kunstmateriaal zogenaamd “uitbreken”. Ook dan is een extra operatie nodig.

  • Slijtage: De totale heupprothese is een mechanisch werkend geheel waardoor wrijving en slijtage mogelijk is. De slijtage is beperkt vanwege het ontwerp van de prothese, maar geheel voorkomen van slijtage is niet mogelijk.

  • Verschil in beenlengte: Na uw heupoperatie kan het voorkomen dat er een beenlengteverschil is ontstaan. Meestal is dit het gevolg van een lichte verlenging van de geopereerde zijde. Mocht er een beenlengteverschil blijven bestaan, dan wordt een verhoogde schoenzool geadviseerd.

  • Looppatroon: Na een heupoperatie is het looppatroon van sommige patiënten niet optimaal. Dit heeft allerlei oorzaken, bijvoorbeeld pijn. Normaal gesproken moet dit na 3 maanden helemaal of grotendeels verdwenen zijn. Een klein deel van de patiënten houdt deze problemen.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer (verkoeverkamer). Hier zal men regelmatig uw bloeddruk, polsslag, temperatuur en ademhaling controleren en regelmatig naar uw pijn vragen. Als u weer goed wakker bent en de pijn goed onder controle is, gaat u terug naar de verpleegafdeling. Op de verpleegafdeling belt de verpleegkundige uw contactpersoon/begeleider.

Pijn
Na de operatie kunt u pijn hebben. Met behulp van verschillende medicijnen wordt de pijn zoveel mogelijk verlicht, zodat u sneller van de operatie kunt herstellen. De verpleegkundige legt u uit hoe deze precies werken. Vertel altijd tegen de verpleegkundige als u pijn heeft. Hier leest u meer over op de pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen’.

Duizeligheid en misselijkheid
Duizeligheid en misselijkheid komen regelmatig voor na een operatie. Meestal is dit een reactie op de anesthesie en medicijnen. Tegen misselijkheid krijgt u eventueel medicijnen.

Medicijnen

  • Pijnstillers
    U krijgt verschillende pijnstillers voorgeschreven. Sommige medicijnen krijgt u op vaste momenten. Daarnaast zijn er pijnstillers voorgeschreven die u zo nodig mag innemen. U kunt bij de verpleegkundige aangeven als u onacceptabele pijn heeft, dan zal de verpleegkundige u deze pijnstiller toedienen.

  • Bloedverdunners
    U krijgt via een injectie bloedverdunnende middelen gedurende 4 weken. Dit is ter voorkoming van trombose (stolsel in een bloedvat). De verpleegkundige bespreekt met u wie deze injecties gaat geven als u met ontslag gaat. Deze opties zijn: uzelf, uw mantelzorger of de verpleegkundige van de thuiszorg/verpleeghuis. Mocht u bekend zijn met het gebruik van bloedverdunnende middelen, dan is het mogelijk dat er voor u een ander beleid van toepassing is, dat hoort u van de verpleegkundig specialist.

  • Vitamine D
    Na de operatie start u met vitamine D. Uit onderzoek blijkt dat meer dan 90% van de mensen met een heupfractuur een te laag vitamine-d gehalte in het bloed. Vitamine D is belangrijk voor de spieren en de botten. Na herstel van de operatie zal door de geriater, internist of de huisarts besproken worden of u hiermee door moet gaan.

Infuus, katheter, drain
Na de operatie heeft u een infuus in uw arm. Het infuus zorgt ervoor dat u voldoende vocht krijgt. Er wordt de dag na de operatie gecontroleerd of u niet te veel bloed hebt verloren. In dat geval krijgt u via het infuus een extra zakje bloed toegediend. Het infuus wordt na ongeveer één tot twee dagen verwijderd.
Om het plassen te vergemakkelijken, is er een blaaskatheter bij u ingebracht. De katheter wordt op de eerste dag na de operatie verwijderd.
Mogelijk hebt u een wonddrain. Dit is een slangetje dat uit de wond komt met daarop aangesloten een opvangpot. Deze zuigt continu het overtollige wondvocht en bloed af. Als u een drain heeft dan wordt deze de eerste dag na de operatie verwijderd.

Liggen en slapen
U mag direct na de operatie in een houding liggen die voor u prettig is. U mag op uw geopereerde en niet-geopereerde zij liggen. Het is dan prettig om een kussen tussen de benen te plaatsen. Vooral de eerste dagen zal dit nog pijnlijk zijn.

Eten en drinken
Bij terugkomst van de operatiekamer mag u beginnen met het drinken van water en als dit goed gaat met eten. Het komt vaak voor dat mensen een gebrek aan eetlust hebben. Dit kan soms tot een aantal weken na de operatie aanhouden. Toch is het belangrijk dat u gezond eet en voldoende drinkt om uw herstel te bevorderen. Soms helpt het om niet te grote porties in één keer te nemen maar vaker op de dag kleinere porties.

Moeilijke stoelgang (obstipatie)
Het komt vaak voor dat de eerste dagen na een operatie de stoelgang lastiger is of nog op zich laat wachten. Dit wordt meestal veroorzaakt door minder beweging, verandering in leefritme, medicatie en andere voeding. Als u merkt dat uw stoelgang slechter gaat of als u gevoelig bent voor verstopping (obstipatie), meld dit dan aan de verpleegkundige.

Hechtingen
De huid is in principe gesloten met hechtingen die na ongeveer 6 weken vanzelf oplossen. Het is dus niet nodig hechtingen te verwijderen. Mocht dit bij u anders zijn, dan hoort u dit van de verpleegkundige.

Revalideren
De eerste dagen heeft u bij uw lichamelijke verzorging nog hulp nodig van verpleegkundigen. Het is echter de bedoeling dat u zo snel mogelijk weer dingen zelf gaat doen. Uw gebroken heup is immers herstellend en activiteiten helpen u sneller herstellen.

Fysiotherapie
De dag na de operatie start u, onder begeleiding van een fysiotherapeut, met oefeningen op bed en het verplaatsen van bed naar stoel. Tijdens uw verblijf wordt er gestart met looptraining. Tijdens de loopoefeningen is het raadzaam om makkelijk zittende kleding en stevige schoenen (dicht en met veters of een goede instapschoen) aan te hebben. Het is de bedoeling dat u met behulp van krukken of rollator gaat revalideren. Het is raadzaam deze van thuis mee te laten nemen. U kunt deze lenen bij de thuiszorgwinkel. Krukken kunt u ook lenen via de afdeling orthopedie (B44).

Aandachtspunten bij het gebruik van elleboogkrukken of rollator
De krukken of rollator worden door de fysiotherapeut afgesteld. De krukken staan op de goede hoogte afgesteld wanneer u kunt staan met de handen op de handgrepen van de krukken en de ellebogen bijna gestrekt.

  • Gaan zitten
    Wanneer u wilt gaan zitten, loopt u naar achteren totdat u het bed of de stoel met de achterkant van uw benen voelt. Zet de krukken eerst aan de kant en steun met beide handen op de leuningen van de stoel of op het bed. Let erop dat u tijdens het gaan zitten, uw geopereerde been wat naar voren zet.

  • Gaan staan
    Wanneer u wilt gaan staan, verplaatst u zich eerst naar de rand van de zitting, dus naar voren toe. Drukt u zich dan op met beide armen vanaf de armleuningen. Let ook hierbij op dat u uw geopereerde been iets naar voren zet bij het gaan staan. Probeer nooit op te staan door u op te drukken vanaf de krukken, dit is onstabiel waardoor u kunt vallen.

  • Lopen
    Wanneer u met krukken of rollator loopt, doe dit in de goede houding. Houd uw hoofd rechtop en kijk recht vooruit. Wanneer u naar uw voeten kijkt, bestaat de mogelijkheid dat u struikelt en valt. Bovendien raakt u hiervan ook meer vermoeid. Loop rustig. Het is niet nodig dat u zich haast. Controleer of de doppen van de krukken nog voldoende profiel hebben.

Kijk uit voor natte en/of gladde vloeren!
Conclusie: doe het rustig aan en wees voorzichtig.

Revalidatie na ziekenhuisopname

Op de eerste dag na de operatie bespreekt de verpleegkundige of verpleegkundig specialist met u welke nazorg bij u nodig is. Het is prettig als er een familielid of naaste aanwezig is bij dit gesprek. Naast uw eigen voorkeur zijn met name de thuissituatie, de mobiliteit, de mate van zelfredzaamheid en de al langer bestaande gezondheidsproblemen van belang bij de keuze van een revalidatietraject na ontslag uit het ziekenhuis.

Revalideren in een verpleeghuis
Na een gebroken heup gaan de meeste patiënten tijdelijk revalideren in een verpleeghuis. Om deze revalidatie zo voorspoedig mogelijk te laten verlopen werkt het CWZ hiervoor nauw samen met ZZG Herstelcentrum in Nijmegen, Waelwick in Ewijk, Residentie Mariëndaal in Velp en Kalorama in Beek en de Lingehof in Bemmel. Deze verpleeghuizen zijn allemaal gespecialiseerd in de revalidatie na een gebroken heup. De revalidatie in het verpleeghuis is erop gericht om u met behulp van therapie binnen korte tijd terug te laten keren naar uw eigen woning. Als terugkeer naar uw bestaande woonsituatie niet meer mogelijk is, dan wordt gezocht naar de best passende oplossing. Het Transferpunt Zorg CWZ wordt ingeschakeld om de overgang naar het verpleeghuis te regelen. Meer informatie hierover kunt u vinden op de pagina ‘Niet terug naar huis na opname in CWZ; opname in een verpleeghuis’.

Revalideren in de thuissituatie
Als het herstel na de gebroken heup voorspoedig verloopt en de thuissituatie het toelaat kan in overleg met u en uw familie besloten worden om de revalidatie in de thuissituatie voort te zetten. Over het algemeen betreft het patiënten die nog vitaal, zelfredzaam en niet alleenstaand zijn. Samen met u wordt gekeken welke hulpmiddelen en welke (thuis)zorg noodzakelijk is.
Als de thuiszorg ingeschakeld moet worden, zal dit door het ziekenhuis worden aangevraagd. De hulpmiddelen zoals een rollator, krukken, toiletverhoger, rolstoel en/of een bed dient u zelf te regelen. Ook regelt u een fysiotherapeut naar keuze die ongeveer twee keer per week met u oefent.

Ontslag

Na 4 tot 5 dagen heeft u geen medische behandeling meer nodig en wordt de revalidatie voortgezet in de thuissituatie of het verpleeghuis. Wanneer u met ontslag gaat naar huis of naar het verpleeghuis krijgt u een verwijsbrief, medicijnen en een overdrachtsbrief mee voor de fysiotherapie in een verpleeghuis. Ook neemt een verpleegkundige nog enkele praktische zaken met u door, zoals medicijnen die u moet gebruiken en diverse afspraken.

Controles na ontslag

Controle na operatie
6 weken na de operatie heeft u een afspraak op de heupfracturen poli bij de verpleegkundig specialist. De verpleegkundig specialist zal u een aantal vragen stellen en de heupfunctie testen.

Policontrole geriatrie
Tijdens de opname wordt door het consultteam geriatrie samen met u gekeken of het zinvol is om zo’n 3 maanden na de operatie een afspraak te krijgen op de polikliniek geriatrie.
Op de polikliniek geriatrie wordt onderzocht waardoor u gevallen bent en gekeken hoe het risico op een nieuwe val kan worden verminderd. Ook wordt gekeken in hoeverre u hersteld bent van de operatie en wat hierin nog kan helpen. Dit gaat bijvoorbeeld over uw zelfredzaamheid en eventuele zorgbehoefte. Als er een delier is geweest, kijken we hoe u daar van hersteld bent.

Botontkalking (osteoporose)
Het is mogelijk dat het breken van de heup het gevolg is van botontkalking (osteoporose). Door botontkalking verzwakken de botten en breken ze sneller. Als er namelijk sprake is van botontkalking dan moeten we dit met medicijnen behandelen om te voorkomen dat u in de toekomst weer een bot breekt. Als u na opname een afspraak heeft op de polikliniek geriatrie zal de geriater onderzoek doen naar botontkalking en zo nodig hier medicijnen voor starten. Heeft u geen afspraak bij de geriater dan zullen we u doorverwijzen naar de osteoporosepoli van de afdeling interne geneeskunde van het CWZ. Meer informatie over osteoporose kunt u lezen op de pagina ‘Botontkalking (osteoporose)’.

Adviezen voor thuis

Pijn
Met uw herstellende heup zullen de pijnklachten geleidelijk verdwijnen. Houdt er wel rekening mee dat uw heup en de wond tot 6 maanden na de operatie nog pijnklachten kunnen geven. Dit wordt steeds minder vanaf 2 weken na de operatie. Gebruik in deze periode hiervoor gerust de pijnmedicatie nog zoals het in het ziekenhuis met u besproken is.
Soms voelt men een doffe pijn na een lange wandeling, dit kan ongeveer een jaar duren. Ook startpijn (pijn bij de eerste stappen na het opstaan) kan nog een aantal maanden bestaan. Dit gaat vanzelf beter en betekent niet dat de breuk niet goed genezen is.
De beweeglijkheid zal voor de meeste dagelijkse activiteiten herstellen. Toch zult u, ook met een goed genezen gebroken heup, altijd wat last houden van stijfheid. De spieren rond de heup zijn namelijk door de operatie mogelijk wat korter geworden.

Zitten en opstaan
Houd de benen enigszins gespreid bij het zitten. Zit niet met de benen over elkaar. Maak gebruik van de armleuningen van een stoel bij het opstaan en gaan zitten. Het meest comfortabel is een hoge stoel met armleuningen met vlakke stevige zitting waarin u niet te veel kunt wegzakken. Als u gaat zitten of staan, plaats het geopereerde been iets naar voren. Leg het been niet hoog op een kruk of stoel.
Als u een te laag toilet heeft, kunt u tijdelijk een losse toiletverhoger lenen bij de thuiszorgwinkel. Een seniorentoilet heeft al de juiste hoogte.

Slapen
Als u op uw zij slaapt, is het aan te raden een kussen tussen de benen te plaatsen voor comfort. Heeft u een laag bed, dan kunt u een extra matras erop leggen of bedklossen gebruiken. Over het algemeen is een bed met een hoogte van 50 centimeter of meer voldoende hoog.

Spullen oprapen van de grond
Bukken vanuit een staande stand met de benen naast elkaar is niet mogelijk. Buk ook niet vanuit een stoel. Bukken is wel mogelijk door het geopereerde been naar achteren of zijwaarts naar buiten te plaatsen en met een hand te steunen op een stoel of tafel, proberen de heup te ontlasten. De fysiotherapeut kan dit met u oefenen. Ook kan u met een ‘helping hand’ (grijper) spullen van de grond oprapen.

Traplopen
Dit oefent u met de fysiotherapeut. Omhoog: eerst het beste been (niet geopereerde been), dan bijsluiten; het geopereerde been en de elleboogkruk. Omlaag: eerst de elleboogkruk met het geopereerde been, dan bijsluiten. Een stevige trapleuning is nodig.

Wassen en aankleden
Het is prettig om de eerste periode zittend te douchen. Plaats hiervoor een stabiele kruk of tuinstoel in de douchebak. Een antislipmat in de douchebak voorkomt uitglijden. Heeft u een douche boven een badkuip, douche dan met behulp van een badplank die dwars over het bad ligt. Bevestig zo nodig handgrepen ter ondersteuning. Een kruk of badplank kunt u lenen bij een thuiszorgwinkel.
Wij raden u af om de eerste 2 maanden na de operatie in bad te gaan. Het in- en uit bad stappen, maar ook het zitten in bad is een flinke belasting voor de heup.
Kleed u gedurende de eerste weken zoveel mogelijk zittend aan. Gebruik bij het aan- en uitrekken van (onder)broek, sokken en schoenen hulpmiddelen zoals de helping hand (grijper), kousen-aantrekhulp, lange schoenlepel of vraag hulp van een mantelzorger of verpleging. Breng uw knie niet in de richting van de neus (bijvoorbeeld om schoenen te stikken).

Vervoer per auto
Zet de autostoel zoveel mogelijk naar achteren zodat u makkelijk kan instappen. Leg een stevig kussen op de zitting om hem iets te verhogen. Een plastic vuilniszak op de zitting maakt de draaibeweging om in- en uit de auto te stappen makkelijker.

Deelnemen aan het verkeer
Als u voor de operatie ook al regelmatig fietste, mag u dit samen met uw fysiotherapeut oefenen na de operatie. Bespreek met uw arts/fysiotherapeut wanneer dit veilig is.
Autorijden mag weer als u voldoende kracht en controle hebt om gas te kunnen geven, te schakelen en te remmen. Als leidraad is autorijden en fietsen weer veilig als u geen krukken of rollator meer nodig hebt.

Reizen
U mag zoveel als u wilt buitenshuis zijn. We adviseren wel om bij een vlucht langer dan 2 uur, tussendoor de benen te strekken. Houd er ook rekening mee dat bij de douane de metaaldetectoren af kunnen gaan door uw metalen prothese. Meld bij de douane dat u geopereerd bent.

Seksuele activiteiten
U kunt weer seksueel actief zijn zodra u daar behoefte aan heeft. Waarschijnlijk zijn bepaalde houdingen prettiger dan andere. Ontdek samen met uw partner wat prettig en mogelijk is. Uw fysiotherapeut, arts of verpleegkundig specialist kan ook vragen hierover beantwoorden.

Wanneer uw arts waarschuwen

Het is belangrijk dat er in de volgende gevallen contact opgenomen wordt met uw behandelend specialist/de verpleegkundig specialist:

  • Als de operatiewond gaat lekken

  • Als het wondgebied erg gezwollen en rood blijft

  • Als uw been erg pijnlijk aanvoelt

  • Als u niet meer op het geopereerde been kunt staan, terwijl u dat eerst wel kon

  • Als u koorts gaat ontwikkelen hoger dan 38,5° Celsius

Als u geopereerd bent door een traumachirurg kunt u contact opnemen met de polikliniek heelkunde (B58). De poli is iedere werkdag van 8.30 tot 16.30 uur bereikbaar op telefoonnummer (024) 365 82 60.

Als u geopereerd bent door een orthopedisch chirurg kunt u contact opnemen met het verpleegkundig spreekuur orthopedie. Dit is iedere werkdag van 8.30 tot 9.30 uur bereikbaar op telefoonnummer (024) 365 81 19.

De meest gestelde vragen na een operatie aan een gebroken heup

Hoe lang zal mijn heup pijnlijk blijven?
De eerste zes maanden wordt de pijn geleidelijk minder. Startpijn, lokale vermoeidheid en een rekkend, trekkend en drukkend gevoel zullen steeds minder op de voorgrond staan.

Hoe lang blijft mijn been dik?
Het is heel normaal dat u de eerste 3 maanden na de operatie enige zwelling in de voet en/of onderbeen heeft.

Hoe vaak moet ik oefenen?
U krijgt van de fysiotherapeut oefeningen in lig, zit en stand die u tijdens uw opname ieder uur kunt herhalen. Als u meer kunt lopen, zal deze oefenfrequentie af nemen. Oefen dus regelmatig, maar overdrijf niet!

Wanneer mag ik weer gaan autorijden/fietsen?
Als u zonder hulpmiddelen kunt lopen (ongeveer twee maanden na de operatie) mag u na overleg met de behandelend arts weer autorijden/fietsen. In verband met de lage instap is een damesfiets aan te raden. Raadpleeg tevens de polisvoorwaarden van uw verzekering.

Wanneer mag ik weer gaan douchen/in bad?
U kunt al snel weer onder de douche. Als u een goede sta-functie heeft, kunt u in principe vanaf drie dagen na de operatie onder de douche. Zorg ervoor dat u onder de douche niet kunt uitglijden en u eventueel aan een stevige grijpstang kunt vasthouden.
Het advies is om de eerste twee maanden niet in bad te gaan vanwege de moeilijke instap.

Wat voor soort schoenen kan ik het beste aantrekken?
Het is verstandig om schoenen te dragen die vast aan de voet zitten en een brede hak hebben. Hoge hakken en slippers moet u de eerste drie maanden vermijden.

Moet ik een steunkous dragen?
In principe is het niet nodig. Als er toch een zwelling in de voet en/of onderbeen optreedt, is het aan te raden om er toch een te dragen. Overleg dit met de arts.

Wanneer mag ik weer op mijn zij slapen?
U mag meteen weer op uw zij slapen. Leg ter comfort de eerste twee maanden na de operatie een kussen tussen uw benen als u in bed ligt. U mag op beide zijden slapen.

Hoe verzorg ik mijn wond?
De wond moet schoon en droog blijven. De huid rondom de hechtingen kan er wat rood of geïrriteerd uit zien. Soms is deze iets gezwollen. Wanneer de hechtingen opgelost zijn (na ongeveer 6 weken) zal deze roodheid langzamerhand afnemen. U kunt de wond gewoon wassen. Het is wel beter om deze van boven naar beneden te wassen, in plaats van links naar rechts. Let er ook op dat u rond het wondgebied geen crème of lotion gebruikt.

Mag ik sporten?
Zwemmen kan en mag na ongeveer 2 maanden (overleg dit met uw arts). Wandelen, fietsen en laag belastende sporten zoals ouderengymnastiek en (beperkt) sporten kan en mag. Maar overleg dit ook met uw arts of verpleegkundig specialist.

Hoe lang moet ik gebruik maken van een loophulpmiddel?
Patiënten na een heupoperatie lopen gemiddeld tot twee maanden na de operatie met een loophulpmiddel. In overleg met uw fysiotherapeut wordt dit afgebouwd. Hierbij geldt: niet te vroeg met één kruk gaan lopen in verband met het aannemen van een verkeerde houding.

Hoe ga ik om met bloedverdunnende middelen?
Als u in het ziekenhuis gestart bent met bloedverdunnende injecties moet u deze gedurende 4 weken blijven gebruiken. Als u voor de operatie al bloedverdunnende middelen gebruikte via de trombosedienst gaat u hier vanaf 1 week na de operatie weer mee door. Dit wisselt per medicijn, u krijgt in het ziekenhuis uitleg wat voor u van toepassing is.

Hoe lang verblijf ik in het verpleeghuis?
Het streven is om u zo snel mogelijk weer naar uw woonsituatie te laten terugkeren. Hierop is de revalidatie en begeleiding in het verpleeghuis gericht. Er zullen hierover nog een aantal gesprekken met u en uw familie plaatsvinden.

Hoe verzet ik mijn operatiedatum?
Voor het verzetten van uw operatiedatum, kunt u contact opnemen met de operatieplanning orthopedie.

G580-ALaatst bijgewerkt op 10 februari 2026

Inhoudsopgave