Inleiding
Het basis gewricht van de duim (CMC I of Carpometacarpale gewricht), kan door artrose (slijtage) klachten geven. Dit wordt veelal veroorzaakt door een combinatie van factoren, bijvoorbeeld: leeftijd, overmatig gebruik, aanleg en trauma of luxaties (uit de kom). De pijn zit onder aan de duimmuis en kenmerkend is dat de klachten ontstaan met het opendraaien van een pot of het omdraaien van een ronde deurknop. Soms wordt de duim instabiel zodanig dat dagelijkse activiteiten beperkingen opleveren.
De behandelingsmogelijkheden
Om deze pijnklachten en/of instabiliteitklachten te verhelpen bestaan diverse methoden. Als er alleen pijnklachten zijn wordt vaak getracht een operatie uit te stellen door pijnstilling en ontstekingsremmers (Kenacort ®) in het gewricht te spuiten. Bestaat de indicatie voor een operatie dan zijn er de volgende mogelijkheden. Het gewricht kan worden vastgezet (CMC I atrodese), een polsbotje (os trapezium) kan gedeeltelijk (hemitrapeziectomie) of volledig (trapeziectomie) worden verwijderd. De holte die ontstaat wordt soms opgevuld met een peestransplantaat. Soms wordt dit gecombineerd met een peestranspositie. Meer experimentele behandelingen bestaan uit inspuitingen met gewrichtsvloeistof vervangende middelen of het volledig vervangen van het gewricht door een kunstgewricht. Welke methode voor u de meest geschikte is, hangt af van uw klachten, de röntgenfoto en het doel van de behandeling. Dit wordt uitgebreid met u besproken.
Beslissing tot operatie
Als u samen met de arts heeft besloten tot een operatie onder regionale anesthesie, worden er door de doktersassistente een aantal zaken met u afgesproken. Van de afdeling opname hoort u de operatiedatum, opnametijd en de verder noodzakelijke voorbereidingen.
Verdoving (anesthesie)
Een goede verdoving bij een operatie is belangrijk. Vaak wordt bij operaties aan de hand gebruik gemaakt van een regionale verdoving door de anesthesist. Dit gebeurt met een injectie in oksel (plexus), waardoor uw arm en hand worden verdoofd. Hierover kunt u meer lezen op de CWZ-pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen’. Voor de operatie en de anesthesie zijn meestal enige voorbereidingen noodzakelijk, dit wordt ook wel preoperatief onderzoek of preoperatieve voorbereiding genoemd. Hierover kunt u meer lezen op de CWZ-pagina ‘Verdoving (anesthesie) bij volwassenen, kopje pre-operatief onderzoek’.
De arbodienst
Vraagt u zich af of uw aandoening of behandeling consequenties heeft voor het uitoefenen van uw werk? Overleg dan met uw specialist. Zo wordt duidelijk of u (tijdelijk) beperkingen heeft en zo ja welke. De bedrijfsarts begeleidt de terugkeer naar uw werk. Daarom is het belangrijk dat uw bedrijfsarts op de hoogte is van uw aandoening of behandeling.
Afspraken over uw werk zullen vaak soepeler verlopen als u de bedrijfsarts al vóór de ingreep informeert. U kunt een gesprek voeren met uw bedrijfsarts op het arbeidsomstandighedenspreekuur van de arbodienst van het bedrijf of de organisatie waar u werkt. Om uw privacy te beschermen is uw toestemming nodig voor eventueel overleg tussen uw specialist en uw bedrijfsarts.
Voorbereidingen voor de operatie
Als u bloedverdunnende - of antistollingsmiddelen gebruikt, overlegt u met uw huisarts, plastisch chirurg of uw behandelend arts over het gebruik van deze middelen voor de ingreep. Soms moet gebruik van bloedverdunners tijdelijk gestopt of aangepast worden bij zoals acetylsalicylzuur (Ascal®), acenocoumarol (Sintrom mitis®) of fenprocoumon (Marcoumar®). Overige medicijnen mag u gewoon innemen.
Infectie voorkomen
Om infecties te voorkomen moet uw huid goed schoon zijn. Daarom kunt u het beste op de dag van de operatie douchen. De huid op de plaats van de ingreep scheren is niet nodig en zelfs niet wenselijk. Verwijder nagellak en gebruik geen make-up. De kleur van de huid geeft de arts tijdens de ingreep belangrijke informatie over uw lichamelijke toestand. Het is raadzaam sieraden van tevoren af te doen en thuis te laten.
Kleding
Draag kleding die u makkelijk aan en uit kunt trekken. Bij een behandeling aan hand of arm een wijde blouse of trui. U krijgt na de behandeling misschien een dik verband.
Vervoer
Het is raadzaam om vooraf het vervoer naar huis te regelen. De behandeling kan uw rijvaardigheid zodanig beïnvloeden dat zelf terugrijden per auto of fiets onverantwoord is. Ook reizen per openbaar vervoer wordt sterk afgeraden.
Hulp/gezelschap
Het is vaak raadzaam om gedurende de eerste 24 uur na de behandeling iemand in de buurt te hebben die u kan helpen als dat nodig is. Ook dient er een contactpersoon bereikbaar te zijn gedurende de tijd dat u in het ziekenhuis bent.
De operatie
De ingreep wordt uitgevoerd op de operatiekamers in het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis. De ingreep zal plaatsvinden onder regionale verdoving door de anesthesist of plexus anesthesie. Afhankelijk van de besproken operatie duurt de operatie 45 tot 60 minuten. U krijgt een litteken aan de duimbasis en een tweetal kleine littekentjes ter plaatse van de onderarm, alwaar de donorpees wordt geoogst. Hechtingen zijn veelal oplosbaar en u krijgt een gipsverband.
Na de operatie
Bij regionale verdoving gaat u na de operatie terug naar de afdeling dagbehandeling. Daar mag u in bed liggen zoals u wilt, met uw hand en onderarm op een kussen. De hand en arm zullen de eerste uren zwaar en gevoelloos aanvoelen. Als het gevoel langzaam terugkomt, mag u de vingers bewegen. Daarna mag u naar huis met de arm in de mitella. De controle is na een week op de poli plastische chirurgie, waarbij het verband wordt verwijderd en u op de gipskamer een nieuw onderarmgips krijgt. Deze draagt u 4 tot 6 weken. Daarna start revalidatie, welke met fysiotherapie en/of ergotherapie kan worden ondersteund.
Pijnbestrijding
Als de verdoving uitgewerkt is, kunt u wat pijnklachten hebben, waarvoor u pijnstillers als paracetamol kunt gebruiken. Deze zijn te koop bij apotheek en drogist en het is raadzaam om voor de ingreep alvast deze pijnstillers in huis te hebben. De pijn van de operatiewond na de ingreep is afhankelijk van de plaats en de grootte. Hebt u pijn dan is het raadzaam dat u de eerste twee dagen de pijn met pijnstillers onderdrukt en dit langzaam afbouwt. Dit doet u als volgt: de eerste twee dagen gebruikt u vier maal daags - om de zes uur - twee tabletten paracetamol van 500 mg. Dan twee dagen vier maal daags - om de zes uur - één tablet paracetamol van 500 mg. Daarna stopt u en gebruikt alleen zonodig bij pijn twee tabletten paracetamol van 500 mg. (maximaal 4 maal daags).
Mogelijke complicaties en risico’s
Bij elke handoperatie kunnen complicaties voorkomen zoals bloeduitstortingen, vertraagde wondgenezing, infectie en weefselversterf. De gevoelszenuwen van de vinger kunnen bij operatieve behandeling beschadigd worden en een gedeeltelijke gevoelsstoornissen geven. Een niet veel voorkomende complicatie in de handchirurgie is dystrofie. De symptomen bestaan uit een combinatie van pijn, zwelling, verkleuring en stijfheid van de vingers die optreedt na de operatieve behandeling. De afwijking dient vroegtijdig behandeld te worden om functiestoornissen te voorkomen. Na een handoperatie kan het noodzakelijk zijn dat de nabehandeling wordt gecombineerd met fysiotherapie en/of revalidatie.
Contact opnemen met het ziekenhuis
Krijgt u koorts boven 38,5 graden? Wordt het verband erg bloederig of gaat de wond heftig bloeden, krijgt u plots hevige pijn of bij andere onduidelijkheden, neem dan contact op met de polikliniek. Bij een wondinfectie dient u ook contact op te nemen, de wond is dan rood, warm en pijnlijk. Ook kan het gepaard gaan met koorts.
Bericht van verhindering
Mocht de geplande operatiedatum niet door kunnen gaan bijvoorbeeld omdat:
u ziek bent met koorts (griep);
of om een andere belangrijke reden.
Laat dit dan zo snel mogelijk weten. En meld dit bij de polikliniek lastische chirurgie. Als u tijdig belt, kan er nog een andere patiënt gepland worden en maken we met u een nieuwe afspraak.
Vragen?
U wordt naar beste kunnen behandeld, maar er kan geen garantie gegeven worden op een goed resultaat of een ongestoord verloop. Mocht u na het lezen toch nog vragen hebben, dan verzoeken wij contact met ons op te nemen. Wij zijn u graag van dienst! U kunt uw vragen ook stellen aan de arts en verpleegkundige vóór de behandeling.
Contact
- Plastische chirurgie
G627Laatst bijgewerkt op 10 februari 2026

