Inleiding
Op de IC worden patiënten voor allerlei aandoeningen behandeld. We gebruiken daarom verschillende behandelingen op de intensive care. We hebben ze hier voor u op een rijtje op een rijtje gezet.
Patiëntenbespreking
Alle zorgverleners die bij de behandeling van een patiënt op de IC betrokken zijn, bespreken elke dag hoe het met de patiënt gaat.
In de ochtend loopt de arts, samen met de assistent en de verpleegkundige visite bij elke patiënt. Dit noemen we ook wel ‘artsenvisite’. Hierin wordt de behandeling, eventuele onderzoeken en andere zaken die van belang zijn besproken.
Naast de artsenvisite wordt de behandeling van een patiënt ook dagelijks in het MDO (multidisciplinair overleg) besproken met de betrokken specialisten.
Standaard IC behandeling
1. Bewaking en monitoring
Vitale functies zoals hartslag, bloeddruk en ademhaling worden continu bewaakt met behulp van monitoren.
Perifeer infuus
Een perifeer infuus is een gewoon infuus, dat meestal in een ader op de onderarm wordt ingebracht. Via een infuus kan vocht of medicatie worden toegediend. Aan het inbrengen van een perifeer infuus zijn geen ernstige complicaties verbonden. Doordat we dagelijks de insteekplaatsen van lijnen en infusen controleren kunnen problemen tijdig worden gesignaleerd.
Blaaskatheter
Bijna alle patiënten op de IC hebben een blaaskatheter, waarmee urine direct vanuit de blaas naar buiten wordt afgevoerd. Voor het behandelend team is het belangrijk om de hoeveelheid urine nauwgezet in de gaten te houden.
Maagsonde
Een maagsonde is een slangetje dat via de neus of mond door de slokdarm in de maag wordt gelegd en dient meestal om sondevoeding en medicatie te kunnen toedienen. Een andere reden om een maagsonde in te brengen, kan zijn om maag- en darmsappen af te voeren als de darmen niet goed werken.
Arterielijn
Bij de meeste patiënten op de IC wordt een arterielijn geplaatst. Dit is een kathetertje dat in de slagader wordt ingebracht om continu de bloeddruk te kunnen meten. Ook kan via de arterielijn bloed worden afgenomen.
Centrale lijn
Naast een arterielijn wordt bij veel patiënten een centrale lijn ingebracht. Dit is een infuus in een grote ader met meerdere aansluitingen. De belangrijkste reden is het toedienen van bepaalde medicijnen. Als patiënten niet via het maagdarmstelsel gevoed kunnen worden is een centrale lijn noodzakelijk.
2. Kunstmatige beademing
Veel patiënten op de IC worden geholpen met ademen (beademing) omdat ze dat zelf niet kunnen. Er zijn 2 soorten beademing.
Invasieve beademing
Een buisje (tube) wordt dan tot in de luchtpijp gebracht. Dit wordt intubatie genoemd, daarover leest u hieronder meer. Dit wordt gedaan via de mond. In een later stadium kan dit via de hals gebeuren. Daarbij wordt met een operatie via de hals een opening in de luchtpijp gemaakt. Deze operatie heet een tracheotomie.Bij invasieve beademing kan de patiënt niet praten doordat de tube tussen de stembanden door loopt.
Niet-invasieve beademing
Het is in sommige gevallen mogelijk om niet-invasief (zonder buisje) te beademen. De beademingsmachine wordt dan aangesloten op een masker dat strak over de neus en de mond wordt geplaatst. Niet-invasieve beademing is bij lang niet alle patiënten mogelijk. Soms kan het eerst wel en moet er later alsnog een beademingsbuisje worden ingebracht voor invasieve beademing.
3. Anesthesie (narcose)
Voor sommige handelingen of behandelingen op de IC is het nodig om een patiënt onder anesthesie (narcose) te brengen. Voorbeelden hiervan zijn intubatie of een tracheotomie. Anesthesie is een zeer diepe slaap, die snel intreedt na toediening van medicatie via een infuus. Patiënten onder anesthesie worden vrijwel altijd beademd.
4. Sedatie
Sedatie is een kunstmatige slaap, die minder diep is dan narcose. Bij lichte sedatie is de patiënt nog goed te wekken. Bij diepe sedatie is een sterkere prikkel nodig om de patiënt te wekken. Wij sederen bijvoorbeeld om ongemak of angst te bestrijden of om effectiever te kunnen beademen bij ernstig zieke longen.
Overige behandelingen op de IC
1. Nierfunctie vervangende therapie
Als de nieren niet meer goed werken moet deze functie overgenomen worden door een apparaat. Op de IC gebeurt dit door een soort continue dialyse.
2. Tacheotomie
Bij een tracheotomie wordt een buisje (canule) via de hals tot in de luchtpijp ingebracht. Deze canule vervangt het beademingsbuisje, dat meestal via de mond is ingebracht.
3. Buikligging
Wanneer de longen ziek zijn, is er onvoldoende opname van zuurstof. Om dit te verbeteren, is bij bepaalde ziekten buikligging zinvol. De patiënt wordt hierbij niet op de rug, maar op de buik verpleegd.
4. Delier
Ernstig zieke patiënten zijn erg snel in de war. Dit heet een delier. Meer over behandeling delier/patienteninformatie/delier/.
Elektronisch patiëntendossier HiX (EPD)
Elke patiënt op de intensive care heeft een elektronisch patiëntendossier (EPD). Hierin wordt belangrijke informatie opgeslagen. In CWZ werken we met HiX.
Laatst bijgewerkt op 14 januari 2026

