Behandeling met rivastigmine pleister

Behandeling

Inleiding

De geriater heeft bij u een vorm van dementie vastgesteld. Voor deze hersenziekte kunnen medicijnen worden voorgeschreven. U krijgt het medicijn Rivastigmine. Deze pagina geeft u meer informatie over de behandeling met Rivastigmine Pleisters.

Waarvoor wordt dit middel gebruikt?

Dit medicijn wordt vaak gegeven bij de Ziekte van Alzheimer. Het kan ook bij andere vormen zoals Lewy body dementie of Parkinsondementie gegeven worden. De ziekte van Alzheimer is een aandoening waarbij de cellen in bepaalde delen van de hersenen niet meer voldoende functioneren. Kenmerken zijn een geleidelijke achteruitgang in het denkvermogen en geheugenstoornissen. De symptomen zijn het meer last krijgen van geheugenverlies, verwardheid en veranderingen in het gedrag. Hierdoor wordt het uitoefenen van dagelijkse bezigheden steeds moeilijker.

Op dit moment is dementie niet te genezen en niet te stoppen. De verpleegkundig specialist kan wel medicijnen voorschrijven, zoals Rivastigmine. Rivastigmine zorgt ervoor dat de hersenen beter kunnen communiceren met je zintuigen en spieren.

Hierdoor kan het zijn dat:

  • De symptomen verminderen

  • U minder snel achteruit gaat

  • U langer zelfredzaam bent

  • Vervelende symptomen minder worden zoals eventuele depressie of angst.

Mogelijke bijwerkingen

Dit middel kan bijwerkingen geven. Dit is meestal in de eerste 3 dagen en als de dosis verhoogd wordt. Daarom wordt de dosering meestal langzaam opgebouwd.

Bijwerkingen kunnen zijn:

  • Huiduitslag, jeuk, irritatie en zwelling van de huid op de plaats waar de pleister is aangebracht. Ook kunnen overgevoeligheidsreacties optreden.

  • Misselijkheid, braken of diarree: mensen die in het verleden last hebben gehad van een maag- of darmzweer hebben meer kans op bijwerkingen op maag en darmen.

  • Duizeligheid: vooral bij opstaan uit bed of uit een stoel. Dit gaat in het algemeen over als uw lichaam aan het middel gewend is. Dit is binnen enkele dagen tot weken. Als u zich duizelig voelt, sta dan langzaam op uit bed of van een stoel. U kunt het best even gaan liggen en de benen wat hoger leggen, bijvoorbeeld op een kussen.

  • Slaperigheid, vermoeidheid en hoofdpijn: deze bijwerkingen gaan meestal over als uw lichaam aan het middel gewend is.

  • Meer last van urine incontinentie.

Heeft u last van één van deze klachten? En heeft u hier al langer dan 2 dagen last van? Neem dan altijd contact op met polikliniek geriatrie.

Hoe gebruikt u de pleister?

De pleister is beschikbaar in 3 sterktes:

  • 4,6 mg;

  • 9,5 mg;

  • 13,3 mg.

De dosering van 9,5mg is de werkzame dosering. De dosering van 13,3mg wordt meestal maar incidenteel en tijdelijk voorgeschreven. Dit wordt in een opbouwschema voorgeschreven.

Pleister aanbrengen of verwijderen

Let bij het aanbrengen en verwijderen op het volgende:

  • De pleister moet 1 keer per dag aangebracht worden.

  • De pleister moet na 24 uur vervangen worden door een nieuwe.

  • De pleister mag alleen op een schone, droge, haarloze, intacte en gezonde huid op de onder- of bovenrug, bovenarm of borst worden geplakt, op een plek waarlangs geen nauwsluitende kleding wrijft.

  • De pleister mag niet op een rode, geïrriteerde of verwonde huid geplakt worden.

  • Plak een nieuwe pleister binnen 14 dagen niet op precies dezelfde plaats. Dit kan voor huidirritatie zorgen.

  • De pleister van de vorige dag moet altijd voor het aanbrengen van een nieuwe pleister verwijderd worden.

  • U mag slechts 1 pleister tegelijkertijd dragen, tenzij de verpleegkundig specialist dat met u heeft overlegd.

  • De pleister moet minimaal 30 seconden stevig met de handpalm aangedrukt worden totdat de randen goed vastplakken.

  • Als de pleister loslaat, moet u een nieuwe aanbrengen voor de rest van de dag. Dit hoeft niet als de pleister al meer dan een halve dag op de huid is aanbracht. Dan plakt u de nieuwe pleister gewoon de volgende dag op het normale tijdstip.

  • De pleister kan in alle situaties gebruikt worden, ook tijdens het douchen/baden en bij warm weer.

  • De pleister mag niet voor langere periodes blootgesteld worden aan externe warmtebronnen (bijv. overmatig zonlicht, sauna, zonnebank).

  • De pleister mag niet in stukken worden geknipt.

Plakschema

Belangrijk is om een nieuwe pleister niet 2 keer binnen 14 dagen op dezelfde plaats op de huid aan te brengen. Dit kunt u voorkomen door onderstaand plakschema aan te houden. Zo ziet u per dag waar u de pleister kunt plakken.

Folder img-61d3783f-9c85-4e4a-91b2-b2fb41f5d4ea.png

Voorzorgsmaatregelen

  • Na het verwijderen van de pleister moeten de handen met water en zeep gewassen worden.

  • Raak uw ogen niet aan als u de pleisters heeft aangeraakt.

  • Als u toch uw ogen heeft aangeraakt of als de ogen rood worden, spoel dan direct met water. Neem contact op met een arts als de symptomen niet weg gaan.

  • Gebruikte pleisters moeten worden dubbelgevouwen, met de plakkant naar binnen. Doe ze daarna terug in de oorspronkelijke verpakking (sachet) en gooi ze veilig weg. Zorg dat er geen kinderen bij kunnen.

Gebruik van alcohol

Alcohol heeft een versuffend effect, vooral in het begin van het gebruik van de Rivastigmine Pleister. Ook als u gewend bent geraakt aan dit middel, kunt u door het gebruik van alcohol extra suf worden. Beperk daarom het gebruik van alcohol.

Operaties

Als u geopereerd moet worden terwijl u Rivastigmine Pleisters gebruikt, moet u dit aan uw arts vertellen voordat u een verdovingsmiddel krijgt toegediend. Rivastigmine kan de effecten van sommige spierverslappers tijdens de verdoving versterken.

Medicatie gestart en dan?

De verpleegkundig specialist gaat met u na of deze medicijnen zinvol voor u zijn en zal de medicijnen voorschrijven. Nadat u gestart bent met de medicatie wordt u of uw contactpersoon gebeld door de verpleegkundig specialist van de polikliniek. Zij belt u een paar keer tijdens de opbouwfase van de medicijnen. Zij volgt hoe de behandeling met de medicijnen gaat.

Vervolgens komt u na een afgesproken termijn (meestal 6 maanden) weer bij de verpleegkundig specialist terug op de polikliniek. Dan wordt besproken hoe het met u gaat. Er wordt weer een geheugentest afgenomen en we controleren uw gewicht en spierkracht. Ook kan het zijn dat we aan uw contactpersoon vragen om een observatielijst in te vullen (NPI-Q).

Contact

Als u vragen heeft over deze informatie, of als er tussentijds vragen/ klachten of bijzonderheden zijn, dan kunt u overleggen met de verpleegkundig specialisten. Zij zijn bereikbaar tijdens kantooruren via het telefoonnummer van de polikliniek geriatrie: 024 365 7319

G991Laatst bijgewerkt op 22 december 2025

Inhoudsopgave