Afwijkingen in en onder de huid
Behandeling
Lipomen, athroomcysten en kleine goedaardige huidaandoeningen
Inleiding
Deze pagina geeft u een overzicht van enkele veel voorkomende afwijkingen in en onder de huid. Tevens wordt er beschreven hoe deze behandeld kunnen worden. Het is goed u te realiseren dat de situatie voor iedereen anders kan zijn. Deze informatie geeft dan ook niet meer dan een globaal overzicht. Aanvullende informatie over voorbereiding en nazorg kunt u op de pagina ‘Poliklinische operatie chirurgie-heelkunde’ lezen.
Lipoom
Een lipoom (vetbult) is een goedaardig gezwel, uitgaande van licht veranderd vetweefsel. Ze zijn vaak onder de huid gelegen, soms in de spier. De grootte kan variëren van klein tot meer dan 10 cm. Ze kunnen op meerdere plaatsen tegelijk voorkomen. Iemand die eerder een lipoom heeft gehad, kan deze later makkelijker terugkrijgen. Reden om het lipoom te verwijderen kan zijn de grootte, een hinderlijke plaats, of een cosmetisch bezwaar.
Atheroomcyste
Een atheroomcyste is een zwelling van een verstopte talgklier. De afwijking kan bijna overal op het lichaam voorkomen. Als de zwelling groter wordt kan deze hinderlijk of ontsierend zijn. Ook kunnen deze atheroomcystes gaan ontsteken.
Goedaardige huidaandoeningen
Er bestaan talloze verschillende afwijkingen die ontstaan uit gewone huidcellen. De meeste hiervan zijn dan ook in of op de huid gelegen. Voorbeelden hiervan zijn moedervlekken en fibromen. Soms kunnen deze afwijkingen hinderlijk of lelijk zijn. Maar ook is er soms het vermoeden bij de patiënt of de arts dat de afwijking kwaadaardig kan worden. Dit zijn goede redenen om de aandoening te verwijderen.
Vreemd materiaal in of onder de huid/ corpus alienum
Splinters of stukjes glas kunnen in of onder de huid blijven zitten. Meestal is aan de huid niets meer te zien, maar voelt u een verharding in of onder de huid. Het is raadzaam deze te laten verwijderen. Soms moet u voor de ingreep een röntgenfoto laten maken om de juiste plaats van het vreemde materiaal te bepalen. Ook tijdens de ingreep kan röntgendoorlichting nodig zijn. In verband met de röntgenstraling is het belangrijk te weten of u in verwachting bent. Röntgenstraling kan namelijk schadelijk zijn voor het ongeboren kind. Als u zwanger bent, of denkt dit te zijn, neemt u dan van tevoren contact op met uw huisarts.
Eeltknobbel/clavus
Eelt-aangroeisel komen voor bij een gewricht, meestal van de grote teen. De teen zwelt op en is gevoelig en pijnlijk bij aanraking. Eeltknobbels kunnen het gevolg zijn van slecht passend schoeisel of spontaan ontstaan.
De behandeling
Voorbereidingen
Als u hart- of longklachten heeft of geneesmiddelen gebruikt (met name bloedverdunners), is het erg belangrijk om dit voor de operatie aan uw behandelend arts te melden.
Ook over het gebruik van bloedverdunners (antistollingsmiddelen) voor de operatie overlegt u met uw behandelend arts . Soms moet gebruik van bloedverdunners tijdelijk gestopt of aangepast worden. Voor overige voorbereidingen leest u de informatie op de pagina ‘Poliklinische operaties chirurgie-heelkunde’.
De operatie
De ingreep wordt uitgevoerd op de poliklinische operatiekamer (melden bij meldpunt 2C) of polikliniek chirurgie-heelkunde (melden bij meldpunt 2B). De ingreep gebeurt meestal onder plaatselijke verdoving.
Een lipoom kan vaak via een snee in de huid vrij gemakkelijk worden verwijderd.
Een atheroomcyste moet uit zijn omliggende weefsel worden gesneden, zonder resten achter te laten. Indien een atheroomcyste ontstoken is, kan er voor worden gekozen deze alleen in te snijden en in een later stadium, als hij kleiner is, te verwijderen.
Overige huidaandoeningen zullen met een kleine marge uit de huid gesneden worden.
Na het verwijderen van de afwijking zal de huid worden gehecht. Indien mogelijk wordt dit gedaan met een hechting die onder de huid is gelegen en die vanzelf oplost. De hechtingen hoeven dan niet verwijderd te worden.
Soms zal er na de ingreep een drukverband worden aangelegd of een draagdoek worden gegeven.
Het verwijderde weefsel wordt bij twijfel over de diagnose opgestuurd naar de patholoog-anatoom, om onder de microscoop bekeken te worden. De uitslag hiervan wordt altijd met u besproken.
De nabehandeling
Als de hechtingen verwijderd moeten worden, wordt dit met u afgesproken. Dit kan op de polikliniek, maar vaak ook bij de huisarts. Als de afwijking wordt onderzocht krijgt u hiervan bericht. Dit kan tijdens de nacontrole, maar soms ook telefonisch.
Meer informatie over de nazorg vindt u op de pagina ‘Poliklinische operatie chirurgie-heelkunde’.
Complicaties
Complicaties komen bij deze kleine ingrepen zelden voor. Wel is er, zoals bij elke operatieve ingreep, een kleine kans op een nabloeding of op een wondinfectie. Als dit het geval is kunt u contact met de polikliniek chirurgie-heelkunde opnemen. De contactgegevens vindt u onderaan deze pagina.
Voor ernstige complicaties in de avond of nacht na de ingreep, kunt u contact opnemen met de spoedeisende hulp (SEH). De contactgegevens vindt u ook onderaan deze pagina.
Vragen
Hebt u na het lezen van deze pagina nog vragen, stel ze dan gerust aan de behandelend arts of aan de verpleegkundige. Zij zullen uw vragen graag beantwoorden.
Bij verhindering
Bent u op de afgesproken dag van de behandeling onverhoopt verhinderd, laat dit dan zo snel mogelijk weten. U kunt dan bellen naar de polikliniek chirurgie-heelkunde, tijdens kantooruren bereikbaar op telefoonnummer (024) 365 82 60. Mocht uw behandeling op het behandelcentrum (poliklinische operaties chirurgie-heelkunde) plaatsvinden, mag u tijdens kantoortijden de afdeling opname- en patiëntenplanning bellen (024) 365 71 30. Er kan dan nog een andere patiënt in uw plaats worden gepland en met u maken wij een nieuwe afspraak.
Kunt u een afspraak op de polikliniek of voor een onderzoek niet nakomen, bel dan ook zo spoedig mogelijk de betreffende afdeling.
Contact
- Chirurgie
- Spoedeisende hulp (SEH)
G480-ALaatst bijgewerkt op 16 januari 2026

