Het meedenkadvies is een nieuwe uniforme, landelijke zorgprestatie binnen de NZa-regelgeving voor de huisartsenzorg en de medisch-specialistische zorg (msz). Dit gaat in vanaf 1 januari 2026. Het betreft een schriftelijke (bij voorkeur digitale) adviesaanvraag van de huisarts aan een medisch-specialistische zorgverlener of beroepsbeoefenaar met een poortfunctie binnen de msz. Dit loopt via daarvoor ingerichte platforms, in ons geval ZorgDomein. Het meedenkadvies vervangt daarmee het reeds bestaande teleconsult. Daarnaast zijn en blijven afspraken tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars mogelijk over andere vormen van consultering/overleg tussen de eerste lijn en medisch-specialistische zorg.
Onnodige verwijzing voorkomen
Het doel van het meedenkadvies is: onnodige verwijzingen van de 1e lijn (huisarts) naar de 2e of 3e lijn voorkomen wanneer de huisarts twijfelt of een verwijzing nodig is.
De insteek daarbij is dat de patiënt in de 1e lijn kan blijven dankzij het advies van de medisch-specialistische zorgverlener/beroepsbeoefenaar met de poortfunctie.
Blijkt dat niet mogelijk en is een verwijzing toch nodig, dan kan de patiënt alsnog rechtmatig verwezen worden.
In situaties waarin een verwijzing a priori is aangewezen, is een meedenkadvies niet geïndiceerd en dient dit niet gebruikt te worden.
De prestatie omvat niet het consult met de patiënt en de terugkoppeling van het advies aan de patiënt. Dit laatste is onderdeel van het reguliere contact tussen huisarts en patiënt. De zorgvraag en het advies worden vastgelegd in het medisch dossier van de patiënt bij de verantwoordelijke behandelaar.
Hoe werkt het declareren?
De prestatie wordt maximaal één keer per zorgvraag gedeclareerd. Ook als er voor de totstandkoming van één advies over één zorgvraag meerdere contactmomenten hebben plaatsgevonden.
De prestatie kan alleen worden gedeclareerd als de huisarts zou overgaan tot een reguliere verwijzing zonder advies van de medisch-specialistische zorgverlener. Het advies stelt de huisarts in staat om te beslissen of en hoe de patiënt zelf verder te behandelen voor deze zorgvraag of om door te verwijzen.
De prestatie kan niet worden gedeclareerd als de patiënt voor de zorgvraag reeds onder behandeling is in de medisch-specialistische zorg.
Niet kwalificerende prestaties
Vraagstellingen van de huisarts die GEEN onderdeel uitmaken van deze prestatievergoeding en waarvoor het meedenkadvies dus NIET gebruikt mag worden:
vraagstelling rond medicatieverstrekking of -dosering
beoordeling van basale fysische parameters (zoals hoge bloeddrukwaarden)
vraagstellingen t.a.v. beoordeling van losse enkelvoudige diagnostische onderzoeken (zoals laboratoriumuitslagen, ambulante bloeddruk of hartritme metingen, ECG’s, en radiologiefoto’s/onderzoeken).
vragen over patiënten die, voor dezelfde zorgvraag, reeds onder behandeling zijn bij het desbetreffende specialisme (omdat daarmee geen verwijzing wordt voorkomen).
Bovenstaande voorbeelden betreffen vragen die over het algemeen minder frequent tot een reguliere verwijzing zouden leiden, zijn vaak minder tijdsintensief en bij gebruik van het meedenkadvies voor de hierboven genoemde zou dat de doelmatigheid ervan kunnen verminderen. Als onderdeel van een bredere vraag die als doel heeft verwijzing naar de tweede lijn te voorkómen (het doel van het meedenkadvies) mogen vragen over bijv. medicatiedosering of beoordeling van een ECG wél gesteld worden.
Meer informatie
Naar de handreiking meedenkadvies/media/e1bgex2l/fms_handreiking_meedenkadviezen.pdf
Nb. Als u gebruik maakt van de knop "verwijshistorie" in zorgdomein, tbv het snel vinden van uw meest gebruikte zorgdomeinproducten, zult u de meedenkadviezen daar nog niet terugzien omdat de benaming nieuw is binnen zorgdomein.

